Das Vaterspiel




Michael Glawogger staat beter bekend als documentairemaker dan
als regisseur van fictiefilms. Enkele jaren geleden maakte hij de
ronde van het festivalcircuit met ‘Slumming’ (misschien dat het u
iets zegt; ik kende de film alvast niet) en nu doet hij hetzelfde
met ‘Das Vaterspiel’, een Oostenrijks-Duitse coproductie. Aan
ambitie ontbreekt het Glawogger in ieder geval niet: hij rakelt
oorlogstrauma’s en verstoorde familierelaties op, en gooit er nog
een paar vragen bij over de rol van nieuwe media in ons leven,
gewoon opdat z’n prent toch maar goed vol zou zitten. Het resultaat
is een soms fascinerende, soms langdradige film die bovenal te veel
hooi op zijn vork neemt. Soms is het ook een goed idee om gewoon
een film te maken die over één ding gaat, in plaats van “een
beetje” over vijf dingen te gaan.

Helmut Köpping speelt Ratz, een IT’er die al zijn hele leven
lang overhoop ligt met zijn vader, een socialistische politicus
wiens carrière ten onder ging aan een nogal wazig schandaal.
Vandaar dat Ratz zijn ouweheer heeft bedacht met ‘Das Vaterspiel’,
een shoot-em-up spel waarin de spelers simpelweg figuurtjes moeten
afknallen met het gezicht van zijn pa (hoewel de gebruikers zelf
ook foto’s kunnen uploaden van een gehaat persoon). Op een dag
krijgt hij telefoon van Mimi (Sabine Timoteo), een oude vriendin.
Zij vraagt hem om naar New York te komen en haar te helpen met een
nogal netelige familiekwestie: haar grootvader zit in de problemen.
Haar verzoek zal hem voor een moeilijke morele keuze stellen. En
tussen die verhaallijnen door krijgen we ook nog de getuigenis van
Jonas (Ulrich Tukur), een man die tijdens de Tweede Wereldoorlog
zijn vader verloor aan de wreedheden van een Litouws doodseskader.
Anno 1959 meent hij in Amerika de moordenaar van zijn vader herkend
te hebben.

Als je ’t terugvoert naar zijn zuiverste basis, is ‘Das
Vaterspiel’ dus een film over drie personages en hun relatie met
hun vader of grootvader: de haat van Ratz tegenover zijn pa, de
verantwoordelijkheid en loyaliteit die Mimi voelt voor haar opa en
de drang van Jonas om zijn vader te wreken. De manier waarop
Glawogger over en weer springt in de tijd (er zijn drie tijdlijnen:
de verklaringen van Jonas in 1959, de jeugd van Ratz in de jaren
tachtig en het heden anno 1999) en zijn ietwat onderkoelde stijl
(geen huilerige monologen te bespeuren) doen soms denken aan het
werk van Atom Egoyan (‘The Sweet Hereafter’, ‘Adoration’): ook
Egoyan breekt vaak met de chronologie en laat schijnbaar onverwante
verhaallijnen samenkomen om aan het einde zijn thema’s daarmee
duidelijk te maken. Met het verschil dat bij Egoyan die thema’s dan
ook effectief duidelijk worden – hij weet altijd wat hij wilt
vertellen en de verschillende plotlijnen werken daar, elk op hun
manier, steeds naartoe. In ‘Das Vaterspiel’ is dat minder het
geval.

De prent zit immers vol met losse eindjes, waarvan er sommige
allicht bedoeld waren, maar anderen simpelweg ergerlijk onduidelijk
zijn. Je publiek achterlaten met vragen is allemaal goed en wel,
maar je kunt ze maar met zoveel vragen achterlaten voordat het
lijkt alsof je zelf de antwoorden niet weet. Vooral de afkeer van
Ratz voor zijn vader wordt nooit afdoende gemotiveerd: waarom nu
die jarenlange vete? Oké, zijn ouwe is een politicus die vanuit
zijn kast van een villa mooie theorieën verkondigt over het
socialisme en Ratz is op dat moment een rebellerende puber die dag
en nacht aan zijn computer zit (DOS rules!). Maar om dan
een videospel te maken waarin je je vader honderden keren na elkaar
vermoordt? Nee hoor. Op een bepaald moment wordt vaderlief erop
betrapt een huishoudster in het zwart te betalen, wat aanleiding
geeft tot een klein schandaal. “Ik zou nog wel wat andere boekjes
kunnen opendoen,” zegt Ratz tegen Mimi, zonder er bij te zeggen
welke. Wat is er gebeurd in die familie? Later, in de “hedendaagse”
verhaallijn van 1999, heeft Ratz’ vader zich noodgedwongen
teruggetrokken uit de politiek – heeft Ratz zijn dreigement
waargemaakt en gevoelige informatie gelekt naar de pers? Of beeld
ik me dat maar in? Sterker nog: in een andere scène zitten Ratz en
zijn zus samen in de auto, wanneer ze elkaar plotseling een kus
geven die geen enkele broer en zus elkaar zouden mogen geven –
heeft er incest plaatsgevonden in de familie? En dan enkel broer en
zus met elkaar, of zit vader daar misschien ook voor iets
tussen?

Allemaal open vragen die onbeantwoord blijven, en die een
onoplettende kijker zichzelf misschien niet eens zal stellen. Je
kunt zeggen dat het moedig is van Glawogger dat hij de kijker niet
alles voorkauwt, en tot op zekere hoogte is dat ook zo – maar ik
kreeg het gevoel dat de regisseur hier de kijker te weinig gaf om
mee voort te kunnen. Je moet niet alles met de paplepel ingeven,
maar als je zo weinig informatie geeft, dan komt je film na een
tijdje stuurloos over, alsof de makers zelf niet goed weten welke
richting ze er mee uit willen. Glawogger wilt van alles vertellen
over hoe trauma’s en zelfs misdaden uit het verleden invloed hebben
op het heden, maar omdat hij narratief zoveel lege gaten
achterlaat, krijgen die thema’s nauwelijks de kans om te
registreren. Het feit dat Ratz zijn frustraties uit via een
videospel is absoluut een sign of the times – hij hoeft er
geen liedjes over te zingen en geen boek over te schrijven, de
21ste eeuw nadert namelijk – maar als Glawogger nu een
statement wilde maken over hoe die nieuwe media onze
emoties weerspiegelen, dan is hij er aan voor de moeite, want niets
kristalliseert zich.

En zo krijg je dus een film die “een beetje” over heel wat
verschillende dingen gaat, maar nergens echt een duidelijk punt
over maakt. Nochtans is het absoluut een sfeervolle prent, met een
moody beeldvoering (die shots van de auto in de sneeuw!),
knappe, vaak dissonante muziek en mooie acteerprestaties – Ulrich
Tukurs hele rol komt in feite neer op één waanzinnig lange
monoloog, maar hij zet geen stap verkeerd, en Helmut Köpping weet
de kijker perfect mee te slepen met een charismatische
vertolking.

Er zit wel wat in deze ‘Vaterspiel’, maar Glawogger moet
dringend leren om zijn scenario te focussen op een paar dingen die
hij effectief duidelijk wilt maken. De intelligentie van het
publiek prikkelen en aan hen vragen om na te denken, is immers nog
wat anders dan vervallen in obscuriteit.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in