Fall Of Efrafa :: Inlé

Je hebt concepten en Concepten. Iphone is een concept, Lordi is een
conceptband. Een synoniem voor dergelijke concepten is gewoonlijk
gimmick. Je hebt ook Concepten, ideeën die niet uit de
koker van een marketingklerk komen maar uit het omgeploegde hart
van een begeesterde kunstenaar. Fall Of Efrafa behoort tot die
tweede categorie. De band werd enkele jaren geleden opgericht met
als doel het maken van een trilogie, die gebaseerd is op de
mythologie van het boek ‘Watership Down’.

‘Inlé’ is het slotstuk van de trilogie en ook het meest ambitieuze
album van de drie. De band onderneemt nog een kleine tournee door
Europa, concerteert vervolgens een paar keer in eigen streek en
daarna is het over and out. De mythe van Fall of Efrafa zou dus wel
eens groter kunnen worden dan de vijf crustpunks uit
Brighton aanvankelijk voorzien hadden. Het feit dat ze hun muziek
ondertussen ook gratis verspreiden zal hier wel aan meehelpen. Hun
werk is ook nog te koop in fysieke vorm en zeker de dubbelelpee van
‘Inlé’ is niet te versmaden. Denovali uit Duitsland leverde hier
weer prachtwerk.

Het is uiteraard moeilijk dit album los te zien van de volledige
trilogie, zodat het wel gepast is even de context te schetsen.
Muzikaal gezien zijn de drie luiken aan elkaar verwant, maar hebben
ze toch elk hun eigen sfeer en richting. ‘Owsla’ is de snelste van
de drie, al wordt de rauwe, emotionele crustpunk wel
genuanceerd door het gebruik van een cello. ‘Elil’ is de donkerste
en de meest hermetische plaat, met slechts drie tracks van ongeveer
20 minuten die zich soms met moeite lijken voort te slepen.

‘Inlé’ is in muzikaal opzicht een stuk synthese van die twee
voorgangers. Rauwe hardcore of punk hoor je hier nog nauwelijks,
maar de nummers zijn wel beduidend dynamischer dan op de
voorganger. De strijkers komen niet terug, maar er werd wel een
occasioneel stukje piano gesmokkeld in een aantal nummers. De
lengte van de tracks is ook wat teruggedrongen: ‘Inlé’ bevat vijf
songs tussen de 10 en de 18 minuten en daarnaast nog twee volledig
instrumentale stukjes.

Nieuw ten opzichte van de voorgangers zijn de uitgebreide zweverige
instrumentale stukken, zoals op het einde van ‘Republic of Heaven’.
Deze passages zitten echt goed in elkaar. De bijna jammende outro
van afsluiter ‘The Warren of Snares’ leidt ertoe dat ik het liefst
nog een keer helemaal van vooraf aan begin, bij ‘Owsla’ dus. Ook in
‘Woundwort’ gaat de distortion even af, en wordt de
luisteraar in een magistrale vortex ergens mee naartoe gesleurd.
Waar naartoe? Niet naar een vrolijke plek, want terwijl de gitaren
weer hun vertrouwde geluidsmuur optrekken met loodzware riffs,
spuit brulboei Alex de onheilspellende woorden: “The onus of
power shifts in its cradle / The locks on the doors brittle, unable
/ We splinter the timber, stand over the general / The jabbering
magnate, dethroned and devoured”.
Ook al wordt er bij momenten
heel wat melodie geduld in de nieuwste songs van Fall of Efrafa,
aan een ding wordt niet toegegeven: de zang is en blijft
hardcore.

Muzikaal gezien is ‘Inlé’ best te plaatsen in het rijtje bands dat
aangevoerd wordt door Isis
en Neurosis, maar door de moderne studiotechnieken is de
passie hier wel wat rauwer en onverdund. Je hoort nog iets van hun
crustpunkroots in het eerste deel van ‘Republic of
Heaven’, maar toch zijn de tempo’s overwegend laag en zijn de riffs
te complex om te kunnen spreken van punk of hardcore. Wat ik wel
geregeld meen te horen zijn invloeden van de klassieke Britse doom
bands als My Dying Bride. De nummers bulken uiteraard niet van
de bombastische romantiek, maar het epische karakter, het gezapige
tempo en de laaggestemde metalgitaren met daarover een fragiel
melodietje (o.a. in ‘Woundwort’) roepen toch onbewust dergelijke
associaties bij me op. De volledige plaat is trouwens sterk op je
onderbewuste gericht: de muziek heeft de capaciteit je mee te
slepen in zijn eigen sage, al zal die ervaring zich maar openbaren
na een tweede of een derde luisterbeurt.

Fall of Efrafa rond de trilogie in stijl af met ‘Inlé’. De voorbije
jaren werd de ondergrondse aandacht voor deze band stelselmatig
opgebouwd, al zijn er nog veel meer mensen die deze band zouden
moeten leren kennen. ‘Inlé’ heeft het potentieel om, ook al is het
een zwanenzang, nog heel wat nieuwe zieltjes te winnen voor de ‘The
Warren of Snares’-mythologie. Dit album is van de drie zonder
twijfel het meest toegankelijke, het meest coherente en het meest
diverse. En dan ga ik nu eens naar de bib om dat boek te
zoeken!

http://www.fallofefrafa.com/
http://www.myspace.com/fallofefrafa
http://www.denovali.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in