Conor Oberst And The Mystic Valley Band :: Outer South

Conor Oberst houdt ons voor de gek. Jarenlang stond de groepsnaam Bright Eyes voor niet meer dan een veredeld soloproject, onder zijn eigen naam komt hij almaar dichter en dichter bij een echt groepsbestaan. Afgaand op Outer South — waar hij niet toevallig wordt aangekondigd samen met The Mystic Valley Band — is dat een slecht idee.

Het is aan de familiefoto op de hoes al te merken: Conor Oberst heeft het groepsgevoel ontdekt. Outer South werd geschreven tijdens de tournee rond zijn vorige, echte, soloplaat en daarbij mocht iedereen ideeën voor nummers aanbrengen. De voormalig hel-ogige staat de microfoon zelfs regelmatig af aan één van zijn compadres en dat is — we benadrukken het nog maar eens — niet zijn beste ingeving.

Een groep is immers maar zo goed als zijn zwakste bandlid, en je moet dat niet verder onderuit halen door ook nog eens de op een of twee na beste songschrijvers van de groep het voortouw te laten nemen. En dat is wat op deze erg lange plaat gebeurt: drummer Jason Boesel en gitaristen Nick Freitas en Taylor Hollingsworth mogen elk om beurten wat songs aandragen.

"Big Black Nothing", "Bloodline" (Freitas), "Air Mattress" (Hollingsworth),… het zijn de momenten waarop Outer South door een willekeurige cafécountryband had kunnen zijn geschreven. Enkel Boesel scoort hier punten. Zijn "Difference Is Time" is een fijne — maar net iets te melige — sleper, maar met het wat al te brave "Eagle On A Pole" verspeelt hij dat krediet meteen. En het kan ook anders fout gaan: in het door Oberst zelf gepende "Worldwide" mag bassist Macey Taylor de zang voor zijn rekening nemen en met zijn slappe stem sleept hij heel het nummer de lamlendigheid in. Generositeit is één ding, maar er zijn grenzen.

En hoe doet Oberst het? Met wisselend succes. "I Got The Reason #2" is een flauwe, op een orgeltje drijvende, countryvuller die vragen doet stellen over de niet aflatende obsessie van Oberst met het genre. Deze man is te getalenteerd om te blijven steken op pure vormoefeningen. Interessanter wordt het als hij het wat suffe genre met zijn gal injecteert als in het opruiende "Roosevelt Room", waarin hij politici toe bijt "I hope you haven't got too lazy, cause the working poor you've been pissing on are doing double shifts tonight"

Nog goed werk? Bijvoorbeeld single "Nikorette" of het sfeervol ronkende "To All The Lights In The Windows" (cafécountry, ja, maar van een heel goed jaar). Ook in "Cabbage Town" komt Oberst nog heerlijk snedig uit de hoek, maar "White Shoes" of het lamlendige "Ten Women" tonen dat hij — gezellig tussen de vrienden — ook wel eens wat gemakzuchtig durft zijn.

Outer South had nochtans een goeie Conor Oberst-plaat kunnen worden. Meer dan grondig schrapwerk en het krachtdadig verwijzen van de songs van de anderen naar het respectievelijke solowerk had volstaan. We zijn heel blij dat Conor vrienden heeft gevonden (check de foto met de tourjasjes in het cd-boekje), maar we vonden zijn liedjes beter toen hij zich nog wat eenzaam voelde.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in