Yevgueni + Marike Jager

Het
gaat Yevgueni de laatste tijd – en we drukken ons zéér zacht uit –
behoorlijk voor de wind. Nauwelijks een halve week na een druk
Nekkaweekend in het Antwerpse Sportpaleis, stond de groep afgelopen
woensdag in een al weken uitverkocht Depot in Leuven. Aangezien het
voor de groep allemaal begon in deze stad, kon dus gerust worden
gesproken van een thuismatch. Dat de motivatie en goesting niet
zouden ontbreken leed geen twijfel, de vraag was alleen of de band
het hoge vormpeil van de Nekkanacht nog een paar dagen had kunnen
aanhouden tot in de oudste universiteitsstad van de Lage
Landen.

Voor het antwoord op deze vraag was het nog even wachten, want
eerst kregen we met de Nederlandse singer-songwriter Marike
Jager
een eerder verrassend voorprogramma geserveerd.
Verrassend, omdat veel mensen zich misschien hadden verwacht aan
een andere Nederlandstalige band van eigen bodem (zoals Het Zesde
Metaal twee jaar geleden), maar tegelijkertijd ook weer niet zó ver
gezocht. Yevgueni is intussen immers bezig aan een veroveringstocht
bij onze noorderburen en mocht de afgelopen maanden zelf ook een
paar keer aantreden in het voorprogramma van deze geëngageerde
chanteuse.

Van het gros van de Yevguenifans is geweten dat het beschaafde,
geduldige en verdraagzame mensen zijn. De kans dat Jager dus al na
twee noten door een tiental fans-op-hete-kolen van het podium zou
worden gejouwd, was bij voorbaat zeer klein. En dat was ook niet
nodig, want behalve een aimabele podiumpresence had Marike Jager
ook een aantal fraaie songs meegebracht van over de Moerdijk. Met
‘Celia Trigger’ heeft ze nog niet zo lang een tweede langspeelplaat
uit, en die wil ze nu ook in ons land in groten getale slijten.
Mensen met een masters degree in vrouwelijke
singer-songwriters hoorden in haar muziek ongetwijfeld echo’s van
Aimee Mann, Tori Amos, Martha Wainwright en Heather Nova, maar ook
zonder die voorkennis stonden Jager en toetsenman Henk Jan
Heuvelink garant voor een uiterst genietbaar halfuurtje.

Het was al over half tien toen Yevgueni het podium
besteeg. De fans hadden er alvast zin in, want na de eerste vier
songs – ‘Het zal wel niet mogen’, ‘Daar zit je dan (Robbie III)’,
‘We zijn hier nu toch’ en ‘Spijt’ – werd al snel duidelijk dat de
nieuwe plaat a) al heel wat kopers heeft gevonden die b) de nummers
van die cd nu al nagenoeg vanbuiten kennen. Maar ook op het podium
zat het snor: daar stond een perfect op elkaar ingespeelde groep,
die de nummers bracht alsof ze al jàren op hun repertoire staan en
een geluid neerzette dat stond als een huis.

Natuurlijk lag de klemtoon vooral op de nummers van We zijn hier nu toch. Wij waren
al zeer te spreken over deze plaat, maar live leken de nieuwe songs
nog meer reliëf te hebben, nog beter en vooral nog warmer te
klinken dan op het album. In de cd-bespreking hadden we het
eveneens over hoezeer Klaas Delrue er als zanger weer op vooruit is
gegaan. Ook woensdag viel op hoe ontspannen en hoe makkelijk hij
tegenwoordig staat te zingen.

Het leuke aan een optreden van een band die al drie uitstekende
platen uitbracht, is dat je wel ongeveer kunt raden welke nummers
op de setlist gaan staan, je weet alleen niet wanneer ze precies de
revue gaan passeren. Ons adrenalinepeil schoot dan ook prompt de
hoogte in toen we na het openingskwartet werden verrast met ‘Tita
Tovenaar’ en ‘Robbie II’, twee huisfavorieten van de vorige plaat.
Het was overigens tijdens twee songs uit ‘Aan de arbeid’ dat Delrue
de fans verleidde tot een – geslaagd – publieksspelletje. In de
titelsong van de vorige cd werden we verzocht om bassist Maarten
Van Mieghem en toetsenman Geert Noppe vocaal te ondersteunen
tijdens de outro, nog leuker was echter de wijze waarop de zaal
‘Tita Tovenaar’ al vingerknippend mocht uitleiden.

Als de groep na dat eerste halfuur nog geen gewonnen spel had, dan
werden de laatste twijfelaars – op die ene meneer na dan die in
slaap was gesukkeld – later op de avond wel over de streep
getrokken. Het hele concert lang werden trage, zachte nummers
afgewisseld met vinniger, vrolijk werk. Dat resulteerde niet alleen
in een evenwichtige en gevarieerde set, want via ‘Werken in de
media’, ‘Stapels en lijstjes’, ‘Pannekoeken’, ‘Aan de arbeid’,
‘Morgen komt ze thuis’ en ‘Brand’ leidde Yevgueni ons zo ook naar
de drieklapper die de reguliere set moest afsluiten: ‘Oud en
versleten’ (een klassieker intussen), ‘Nieuwe meisjes’ (met de
echte meiden van Kamp Maria op backing vocals) en een zinderend
‘Manzijn’.

Het beste werd echter opgespaard voor de bisronde: ‘Blijf’,
misschien wel het mooiste nummer van de cd, werd woensdag ook het
hoogtepunt van het optreden. De ontroerende tekst is maar één van
de sterktes van deze song, want het is de prachtige samenzang
tussen Delrue en zijn zus Annelies die dit nummer ook live naar een
nog hoger niveau stuwde. Dat ‘Sara’ – Yevgueni’s ode aan een
liederlijk studentenverleden – en ‘Als ze lacht’ hierna overeind
wisten te blijven, zegt natuurlijk ook veel over de kwaliteiten van
deze nummers. Na deze bisronde kwam de groep zelfs nog één keer
terug, voor een knappe uitvoering van hun Suzanne Vega-bewerking
‘In deze stad’.

Hierna kwam er onherroepelijk een einde aan een meer dan geslaagde
avond. Er waren niet alleen de knappe nummers, er was ook de sfeer
en de leuke interactie tussen zanger Klaas Delrue en het publiek.
Ondanks het feit dat de groep even daarvoor centrale gast was
geweest tijdens Nekkanacht, zagen de vijf daarin geen reden om
meteen naast de schoenen te lopen of hun set routineus af te
haspelen. Integendeel: de publieksvriendelijkheid en het
spelplezier waren niet geacteerd, en een paar keer moesten we
woensdag zelfs terugdenken aan de recente passages van Elbow.

Wanneer ons wordt gevraagd onze appreciatie voor een concert weer
te geven in één woord, dan krijgt een avond als deze doorgaans een
welgemeend ‘Super!’ of ‘Bravo!’ mee. Maar omdat dit voor ons ook
nog eens het juiste concert van de juiste groep op het juiste
moment was, voegen we daar met graagte ook nog ‘Een dikke merci!’
aan toe.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in