Domino 09 :: Jóhann Jóhannsson + Fennesz + Jon Hopkins

AB, Brussel, 8 april 2009

De
steeds populairder wordende Jóhann Jóhannsson, de Oostenrijkse
elektronicagrootheid Fennesz, en in de Club de
pletwalsen van A Place To Bury Strangers en Amenra. Het
Dominofestival kon slechter beginnen. Wie voor de grote zaal koos,
koos voor drie bands met een MacBook onder de arm, en geen enkele
een microfoon om even hallo te zeggen, laat staan een lijn te
zingen. Elektronica in drie verschillende gedaantes!

Jon Hopkins was de enige weinig bekende naam op
deze eerste festivaldag. De Londenaar had een buddy meegebracht om
zich met de beats bezig te houden en slaagde erin om van de eerste
drie kwartier Domino een aangenaam moment te maken. De zaal was
opvallend vroeg helemaal gevuld en genoot mee van de elektronica
die nu eens licht dansbaar was, dan weer een chill out-effect
teweeg bracht. Minimalistische pianomelodieën op een complexe
dubonderlaag: moet kunnen. Duimen omhoog voor de sterke en passende
visuals trouwens. Abstracte vormen die in elkaar overgaan en
prikkelende beelden vormen, we kunnen het zowel op de muziek als op
de visuals toepassen.

De moeilijkste set van de avond was beslist die van
Fennesz, voluit Christian Fennesz. Wie gekomen was
voor de wegzweefmuziek van de hoofdact moet even geslikt hebben
toen de Oostenrijker aan zijn (soms iets te veel) op het verstand
gerichte ambientoffensief begon. Gewapend met een elektrische
gitaar en een computer creëerde Fennesz een zwarte, mistige noisebrij die zeer
langzaam de gehele zaal in bedwelmde toestand bracht. Alsof je een
klap op het hoofd hebt gekregen en ’s nachts alleen wandelt in een
verlaten stadsgedeelte zonder herkenningspunten. Bevreemdend is het
woord. Je zou kunnen smeken om meer melodie (en toegankelijkheid)
maar dan is het beoogde effect minder. Life ain’t
easy.

Al wordt het toch iets makkelijker bij Jóhann
Jóhannsson
. De in Denemarken wonende IJslander haalde met
zijn ‘Fordlândia‘ vorig jaar aardig wat eindejaarslijstjes
en bewees in de AB waarom. Minimalistische elektronica, piano en
een strijkkwartet, meer heeft een mens niet nodig om helemaal weg
te zakken en te genieten van eenvoud en schoonheid in al zijn
puurheid. De ingekorte opener ‘Forldândia’ deed de zaal voor een
eerste keer wegsmelten en daar zou het niet bij blijven. Ook al
bleek de albumversie nog ietwat sterker.

Het was interessant te zien hoe piano en strijkers met elkaar
interageerden of soms ook strijkers onderling. Toch werkt de muziek
van Jóhann Jóhannsson beter in albumvolgorde omdat die ten eerste
logischer opgebouwd is en ten tweede geen pauzes en applaus bevat.
Een nummer van twee minuten waarin de vier strijkers elkaars
motieven overnemen heeft als losstaand nummer minder zin dan in de
context van een album. Zeker in het geval van Jóhannsson die steeds
rond concepten werkt. Had Jóhann zijn ‘Fordlândia’ van voor naar
achter gespeeld, dan was het optreden als geheel sterker
overgekomen. Maar dan konden we uiteraard niet genieten van de
pracht van pakweg ‘Odi et Ami’ van zijn schitterende debuut
‘Englabörn’, waarmee Jóhannsson de eerste avond afsloot.

Slechts een enkeling zal ontevreden naar huis zijn gekeerd na het
vertoon van Jóhann Jóhannsson. De IJslander maakte van de AB een
arcadische sprookjeswereld, die in schril contrast stond met de
sombere sferen van Fennesz. We zagen drie elektronica-artiesten die
op hun manier bijzonder verdienstelijk waren. Meer moet dat niet
zijn.

Kijk hier naar fragmenten van Fennesz en Jóhann
Jóhannsson, alsook korte interviews met beide heren op ABtv.

Jóhann Jóhannsson speelt op 31 oktober in het Music In
Mind-festival in Brugge.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in