Aanrijding in Moscou




Zeg wat je wil van Jan Verheyen, maar de Vlaamse Bruckheimer van
het derde knoopsgat heeft met zijn betrokkenheid bij het
Faits-Divers-project wel degelijk zijn deel gehad in de recente
heropleving van de Vlaamse cinema. Niet dat die filmpjes zo
hoogstaand waren – daarvoor waren ze iets te nadrukkelijk
gefabriceerd om het kleine schermpje op te fleuren op een luie
zondagnamiddag – maar het project opende wel deuren voor Vlaamse
cineasten, die de kans kregen om op z’n minst iets op pellicule te
krijgen. De eerste reeks warme histoires was zowel kwalitief als
financieel een succes en aldus kon er een vervolgproject komen.
‘Aanrijding in Moscou’, de eerste in de nieuwe reeks Vlaamse
televisiefilms die even op het grote doek mag spelen, is een klein
maar fijn tragikomedietje gesitueerd tussen de gezellige Gentse
accenten, met herkenbare levensmomenten en aandoenlijke personages
als gezelschap. Erg ambitieus en vernieuwend is het niet, maar met
een minzaam kloppend hartje slaagt ‘Aanrijding in Moscou’ toch in
zijn bescheiden opzet: eventjes verstrooien en de niet al te
kritische kijker met een milde glimlach huiswaarts sturen.

Barbara Sarafian speelt Matty, een veertigjarige moeder van drie
kinderen die zich even in een dipje bevindt. Haar bijna ex-man
Werner (Johan Heldenbergh met een verwaaide kop) zit al een half
jaar bij een jong dingske om zijn midlifecrisis te
verantwoorden, haar echtscheiding wordt steeds verder vooruit
geschoven en de oudste dochter pubert er op los. Matty’s
vermoeiende last wordt er niet bepaald lichter op wanneer ze op de
parking van de Colruyt in Ledeberg (nog steeds de goedkoopste in
elk assortiment!) boenk tegen de vrachtwagen van Johnny
(theateracteur Jurgen Delnaet) knalt. Het komt tot een hevige
woordenwisseling tussen de twee gebroken zieltjes (de
godverdoemes en kust mijn kloote vliegen lustig
en dartel in het rond), maar eigenlijk is Johnny, de rosse viking,
ook een beetje aan het vallen voor Matty met de vranke smoel. Na
veel twijfels, gevloek en gesleur beslist Matty om haar meer dan
tien jaar jongere aanbidder met de fluogele vrachtwagen toch een
kans te geven. Al was het maar om haar ex-man op zijn paard te
krijgen.

Wat voor vele Gentenaars alleen maar een mythische
eindbestemming leek van de immer enthousiast rinkelende tram 4
vormt in ‘Aanrijding in Moscou’ het volkse decor voor een
onschulidge en bitterzoete komedie. Een komedie die bovendien de
couleur locale in al zijn authenticiteit tot leven laat
komen met de sappigste Gentse accenten sinds Titus en Jonas de
Antwerpse binnenstad onveilig maakten in ‘Any Way the Wind Blows’.
Christophe van Rompaeys langspeeldebuut zal hoogst onwaarschijnlijk
de toeristen Kataraktgewijs naar de randgemeentes van de
Arteveldestad lokken, maar de setting en het lokale dialect zorgen
wel voor de persoonlijkheid, die ontbreekt in het ietwat zoutloze
verhaaltje. Net zoals hij de Kortrijksesteenweg in ‘Steve + Sky’ kon
vastleggen als een uniek en bijna surrealistisch universum, slaagt
cameraman Ruben Impens erin om de beperkte locaties (grotendeels
het E3-plein nabij Ledeberg dat uitkijkt op het viaduct van de
E-40) om te zetten in een gedetailleerde microcosmos, die ademt en
leeft. Na tien minuten weet je het wel, dit is het stukje van Gent
waar de muilen nog groter zijn dan die van het centrum, maar de
nekken gelukkig iets minder dik staan. En het helpt natuurlijk dat
een stel rasechte Gentse acteurs de kleurrijk klinkende dialogen
(zeker niet ‘marginaal’ zeggen of je zou wel eens een djoef kunnen
krijgen) met een verfrissende naturel en geloofwaardigheid uit hun
mond laten rollen.

Vooral hoofdrolspeelster Barbara Sarafian (u herkent ze
misschien uit pdw-creaties ‘Spike’ en ‘Kijk Eens Op De Doos’ of
‘Alles Kan Beter’) imponeert met een diepmenselijke vertolking die
het conventionele verhaal opwaardeert met welkome schwung, pathos
en ballen. Of ze nu pittige oneliners afvuurt (de ‘massage met de
grote neger’ blijft de favoriet), haar fragiele hartje tegen wil en
dank laat spreken of gewoon een bloedworst met puree serveert, ze
doet het met een perfecte timing, een pijnlijk doorleefde
levensblik en een warme herkenbaarheid. Jurgen Delnaet is ook
stevig op dreef, maar laat zijn theaterroots net iets te dominant
doorschemeren en lijkt zich soms te verbergen achter nadrukkelijk
in de verf gezette rollende r’n. Ook Johan ‘meneer Schoesetters!’
Heldenbergh blijft genietbaar als altijd (check maar eens zijn aan
de rolstoel gekluisterde tour de force in ‘Steve + Sky’) en Bob De
Moor staat dan wel te acteren alsof hij wacht op de punchline van
een sketch, zijn al dan niet levend haarstukje is gewoonweg
hilarisch.

Dat zit dus wel allemaal snor: de acteurs, hun aanstekelijke en
vaak grappige dialogen (zie de doordachte levenswijsheden van
Johnny keer op keer tegen het muurtje van Matty botsen) en de met
zorg behandelde locaties. Maar het verhaal mist spankracht en
verrassingen om al de positieve elementen te ondersteunen zoals het
moet. Terwijl de acteurs behoorlijk scherp hun ding staan te doen,
blijft ‘Aanrijding in Moscou’ narratief gezien een beetje
teleurstellend braaf de middenmoot opzoeken. Personages hebben
ergens wel een diepgang en een verleden, maar het verhaal laat
enkel een oppervlakkige uitwerking toe. Sommige situaties zijn raak
geobserveerd en herkenbaar (de botsing is schitterend), maar ze
vormen niet echt een samenhangend geheel. Het is toegankelijk,
aandoenlijk, innemend, maar het had ook dat ietsje meer kunnen
hebben, een echte diepgravende betekenis, in plaats van de glimps
van wat inhoud die we nu krijgen. Beetje zonde toch, want ik had
liever dat soort film gezien, in plaats van één waar ik zeker van
ben dat ik er mijn bomma heen kan sturen. Niettemin weet Van
Rompaey, in tegenstelling tot zijn ex-collega Lieven Debrouwer,wél
een ongegeneerd gezellig cafémoment te creëren (karaoke met ‘Mona
Lisa’ dan nog, yikes) zonder dat daar een geur van
mottenballen, sanseveria’s of oud wijvenondergoed aan te pas moet
komen. Het is op het randje, maar het werkt nét.

‘Aanrijding in Moscou’ zal geen potten, pannen of hersens
breken. Dit is een prima gemaakt niemendalletje dat nergens
pretendeert dat het ook maar iets meer had willen zijn dan het maar
is. Fair enough. Eigenlijk is de hele film een beetje
zoals Matty, gezegend met veel blutsen en builen, maar ze laat je
wel achter met een warm gevoel in de buik en een neusje dat krult
van plezier. Dat kan soms ook deugd doen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in