Gone Baby Gone




114 min. / USA
/ 2007

Wat zou Ben Affleck gedaan hebben toen Matt Damon eerder dit
jaar werd verkozen tot de meest lucratieve acteur van het moment?
Een vreugdevol bokkesprongetje maken omdat zijn best buddy
zo succesvol is of een jaloerse vloek in het vuistje slaken? In elk
geval, na tien jaar lopen de wegen van de ‘Good Will
Hunting’-bloedbroeders meer dan ooit gescheiden. Damon is een
superster die kan acteren, Affleck is de onfortuinlijke idioot die
dwaze dingen deed in ‘Armageddon’ ‘Pearl Harbor’ en Jennifer Lopez.
Maar de voormalige Daredevil probeert sinds kort het tij te keren.
Vorig jaar zoog hij eens geen hondenkloten in het door niemand
geziene ‘Hollywoodland’ en nu wil hij ook bewijzen dat hij een
loodzwaar misdaaddrama met Grote Thematiek kan regisseren. Het is
nog niet wat het moet zijn, maar met ‘Gone Baby Gone’ bewijst hij
wel dat hij meer is dan een grijnzende flurk met het charisma van
een deurmat. En ik zweer het, dat was mijn allerlaatste goedkope
sneer naar Benny Boy. Enfin, voor deze recensie toch.

Dorchester, een grauwe buitenwijk van Boston. De vierjarige
Amanda wordt vermist. Terwijl de buurt op zijn kop staat, tast de
politie, onder leiding van kapitein Jack Doyle (Morgan Freeman), in
het duister. In een wanhoopsdaad huurt de familie van het kind
privédetective Patrick Kensie (Casey Affleck) in om te helpen met
de moeilijk te doorgronden ontvoeringszaak. Samen met zijn vriendin
en collega Angela (Michelle Monaghan) kruipt Patrick (die een
zekere street credibility heeft verworven) in de donkere
achtersteegjes om ook maar enig aanknoopingspunt te achterhalen.
Met de hulp van een bikkelharde enforcer (een intense Ed
Harris), misleid door de twijfelachtige bekentenissen van de moeder
(Amy Ryan) en gekweld door zijn eigen morele dilemma’s, raakt
Patrick verwikkeld in een smerige case vol corruptie,
leugens en verraad.

Complexe gewetenskwesties, de ontvoering van een kind uit een
marginaal gezin, de ambiguïteit van doing the right thing
en de pogingen om de ziel in het reine te houden; ambitieus is hij
wel, mister Ben Affleck. Met het boek van Dennis Lehane
(van het thematisch verwante ‘Mystic River’) onder de
arm, springt hij onverschrokken in het troebele water waar je
eerder oude rotten als Eastwood of Scorsese in zou verwachten. Maar
Affleck zal nog veel moeten leren van zijn voorbeelden. Zo
doorleefd de vertolkingen en zo evocatief de setting, zo
krakkemikkig zijn de narratieve constructies van de regisseur en
co-scenarist Aaron Stockard. Wat ‘Gone Baby Gone’ uiteindelijk
genadeloos nekt, is een verhaal dat ongeveer even samenhangend is
als een bord spaghetti en bij elke onthulling belachelijker lijkt
te worden.

Het begint nochtans veelbelovend, met een authentieke weergave
van de mean slums van Boston (één scheve blik en Big Dave
de cafébaas staat al klaar om u een muilpeer te verkopen) en een
intrigerend misdaadmysterie dat zich als een wurgslang rond de
personages wikkelt. Tijdens het eerste uur is ‘Gone Baby Gone’ een
van melancholie doorwrongen crime drama met doorleefde
karakters (of ze hebben gewoon echte marginalen van de straten
geplukt, kan ook natuurlijk) en een sluimerende thematiek waarvan
je hoopt dat er toch minstens twee of drie mokerslagen uit
gekristalliseerd zullen worden. Maar helaas, na een klein uurtje
drukkende sfeer, dendert ‘Gone Baby Gone’ van de gevreesde helling
der crappy plottwists. Zelfs een handvol spannende scènes
zoals de nachtscène in het bos, de confrontatie met de Haïtiaanse
drugdealer en een onverwachte schietpartij, kunnen niet verbergen
dat ‘Gone Baby Gone’ veel sfeer en visuele flair heeft, maar weinig
steek en structuur.

Ook de op zich interessante thematiek – de gelaagde complexiteit
van de moraal, het doel heiligt de middelen en andere licht
verteerbare ethische kwesties – moet eraan geloven en wordt in
hapklare brokjes gesneden zodat alles veel te voor de hand liggend
wordt uitgelegd en opgelost. Voor een verhaal dat zo sterk zijn
aversie voor zwart-witverhoudingen en simplistische visies in de
kijker zet, heeft ‘Gone Baby Gone’ uiteindelijk te eenvoudige
oplossingen. Het verhaal heeft verschillende onderliggende lagen,
maar Affleck kiest er voor om alles af te wikkelen op het niveau
van een banale tv-thriller. Resultaat: de spanning en
geloofwaardigheid dalen bij elke nieuwe plotkronkel.

Het zijn de acteurs die de uit elkaar vallende rammelkar samen
moeten houden. Morgan Freeman is degelijk as usual, de
intensiteit van Ed Harris houdt je klaarwakker (hoewel hij er af en
toe een beetje over gaat met zijn gebrul) en Amy Ryan is
overtuigend als verslaafde moeder die dwaalt tussen
onverschilligheid en wanhoop. Maar de ster van de film is de andere
Affleck, de benjamin die van grote broer het podium heeft gekregen.
Met dezelfde slaapdronken, overspringende en monotone stem als in
‘The Assassination of Jesse James’ is Casey Affleck geweldig goed
op dreef. Geen evidente rol ook, want het personage vereist een
subtiele wisselwerking tussen een zekere bittere volwassenheid en
een onervaren naïviteit. Als ‘Gone Baby Gone’ toch het bekijken
waard is, dan is dat bijna uitsluitend de verdienste van Casey
Affleck. Enkel Michelle Monaghan heeft niks om handen en blijft dan
ook een beetje beteuterd en kleurloos aan de zijlijn staan.

‘Gone Baby Gone’ is bijna een interessante mislukking.
Moody as hell, een drukkende atmosfeer met
waarheidsgetrouwe couleur locale, maar als de plot
halverwege de pedalen verliest, ben je daar veel te weinig mee.
Afflecks ambitieuze neo-noir blijft te snel en te hardnekkig steken
in een vieze brij van onsamenhangende verhaallijnen, opgezwollen
dialogen (ze beginnen nét niet de thematiek en moraal uit te
leggen) en ongeloofwaardige wendingen. Laat Casey Affleck maar snel
doorbreken, maar broertje Ben moet dringend op cursus
scenarioschrijven voor gevorderden. Het is dat of die Oscar voor
‘Good Will Hunting’ teruggeven.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in