Au Revoir Simone :: The Bird Of Music

De herinnering aan Au Revoir Simone op het Botanique-podium ligt nog
vers in het geheugen. Met een korte maar krachtige set bewees het
trio dat ze de hype waard zijn en met hun elektronica toch warme
klanken kunnen produceren die soms tot foute danspasjes maar even
later ook tot contemplatie aanzetten. De vraag is nu natuurlijk of
deze melodieën zich ook zonder de aanstekelijke stage
antics
kunnen rechthouden. Twee jaar geleden zorgde ‘Verses Of
Comfort, Assurance & Salvation’ al voor enig vertier, hoewel
enkele tracks daarop te licht verteerbaar waren. Met ‘The Bird Of
Music’ komt de tweede kans er nu aangefladderd.

Bij een eerste luisterbeurt is deze langspeler uit de boxen geperst
zonder dat je er erg in hebt en blijft er niet al te veel van
hangen. Toch is ‘The Bird Of Music’ in alle bedriegelijke eenvoud
een plaat die je eerste enkele keren het oor moet laten passeren
alvorens er een oordeel over te vellen. De synthpop verraadt steeds
meer extra hoekjes en kantjes en werkt op den duur verdomd
aanstekelijk. Op muzikaal-technisch vlak is er weinig aan de
formule gesleuteld, hoewel deze tweede langspeler meer uptempo
momenten kent. ‘Sad Song’ klinkt al compleet het tegenovergestelde
van wat de titel laat veronderstellen, daarna is het even wachten
tot de tweede helft van de plaat, die enkele tracks lang op de
dansvloer kampeert. Vooral op ‘Dark Halls’ is het nagenoeg
onmogelijk de armen strak naast het lijf te houden. Toch kan niet
elke stijloefening op dezelfde bijval rekenen: ‘Stars’ teert nog op
enige sympathie, maar ‘Night Majestic’ slaagt er voornamelijk
omwille van de nerveuze loop niet in te bekoren.

Het campy dansbare materiaal zorgt voor de broodnodige
variatie op de plaat en maakt ‘The Bird Of Music’ tot een boeiender
geheel dan de voorganger, maar toch bezitten de dromeriger tracks
ook hier de meeste trefkracht. ‘I Couldn’t Sleep’ legt nog een vrij
sterk doorklinkende elektronische basis maar beroert dankzij de
ingehouden vocals al wat meer. Verdere vervoering komt er met ‘A
Violent Yet Flammable World’, de rijkste compositie van de plaat:
een subtiele drummachine brengt een lichte beat over de zweverige
synths die meerdere stemmen afwisselend in harmonie en in dialoog
brengen. Onder dit alles zit een donkere beat die de vergelijking
met Björks
‘Hunter’ kan doorstaan. Ook aan de staart van de plaat bengelen nog
enkele pareltjes. ‘Lark’ bezit een top-notch refrein dat
met een snoezige naïviteit vertedering garandeert. Het van
gesamplede strijkers voorziene instrumentale middendeel en het
ingetogen einde maken de track zonder meer af. Afsluiter ‘The Way
To There’ komt wat traag op gang, maar kan alweer op een refrein
rekenen dat overdondert in alle simpliciteit. ‘If you feel
compelled to me, than it’s just gravity’
: het statement geldt
niet alleen op een sonorisch vlak, maar ook wat de teksten betreft.
Aan het einde zorgt de kleine lift in de bridge opnieuw voor dat
beetje meer.

De perfecte plaat heeft Au Revoir Simone nog niet gemaakt. Het
eerder genoemde ‘Night Majestic’ kan bij te frequent gebruik het
zenuwpeil serieus op de proef stellen en ‘Don’t See The Sorrow’ is
te pips om indruk te maken. Ook de sequentie van de tracklist is
niet perfect. De naar het midden toe zachtjes opgebouwde intimiteit
wordt radicaal doorbroken met de komst van ‘Dark Halls’. Hier was
een kleine overgang best wel op zijn plaats geweest. Deze gevallen
steken worden echter meer dan goedgemaakt door de hoge kwaliteit
van de plaat als geheel en het aantal ijzersterke songs die voor
meerdere climaxen zorgen. Au Revoir Simone doorloopt de leercurve
met rasse schreden: na een onderhoudend debuut toont de opvolger al
een grote vooruitgang en ook op de eerste podiumtest werd goed
gescoord. Dit levert ze meteen een van de eerste plaatsen in het
lijstje namen-om-in-het-oog-te-houden van 2007 op.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in