You, Me and Dupree




Er werd mij ooit eens verteld dat iedereen recht heeft op
maximum vijf guilty pleasures. Van die pleziertjes die zo
compleet fout zijn dat je ze ten alle koste geheim wilt houden voor
de buitenwereld. Dat kan gaan van een plakkerige meekweelpartij bij
de love song van Barry Manilow (Mandy!) tot het meefluisteren van
de dialogen tijdens ‘Dirty Dancing’ (nobody puts Baby in a
corner!).
Bij mij komt één van die guilty pleasures
in de vorm van een dude met blauwe ogen en een opmerkelijke
snuffer. De meesten kennen hem als het blonde aanhangsel
van Ben Stiller of Jackie Chan, maar eigenlijk heet hij gewoon Owen
Wilson of his Owenness. Sinds hij zich liet opmerken in
een gele overall in ‘Bottle Rocket’, toen nog met een kort
broskopje, had hij mij te pakken met zijn nonchalante charme, die
ondeugende blik in zijn ogen en zijn immer fascinerende neus. De
laatste jaren werd het surfertje van de frat pack (die
kliek waar ook Vince Vaughn, Will Ferell en Ben Stiller deel van
uitmaken) steeds populairder en met ‘You, Me and Dupree’ mag hij
eindelijk eens een film volledig alleen dragen. Maar wat blijkt,
als hij geen tegenspel krijgt van een partner in crime en
uitsluitend verloren moet lopen in een derivatief sitcomverhaaltje,
dan valt er nog bitter weinig te lachen met de blonde
opperslacker.

Als vervanging van ook maar iets dat lijkt op een origineel
verhaal krijgen we de volgende afgezaagde pitch voorgeschoteld:
Carl (Matt Dillon) en Molly (Kate Hudson) nestelen zich in het
huwelijksbootje en hebben een mooie toekomst in het verschiet: een
nagelnieuw huisje, een promotie voor Carl dankzij Molly’s vader
(gespeeld door Michael Douglas, die blijkbaar ook rekeningen moet
betalen) en natuurlijk de roes van het prille huwelijksgeluk. Maar
waar ze niet op gerekend hebben is dat eeuwige niksnut Dupree (Owen
Wilson), de getuige en beste vriend van Carl, ook op de cadeaulijst
stond. Dupree trekt namelijk in bij het kersverse koppel nadat hij
zowel zijn werk en appartement kwijtraakt (wat een toeval). De
spanningen tussen de onverantwoordelijke niksnut en het koppel
zorgen vanzelfsprekend voor catastrofale gevolgen. Jammer genoeg
kan hetzelfde gezegd worden van het deprimerende humorgehalte van
dit doorslagje op de ‘ongenodigde gast’-formule (denk maar aan
‘What About Bob?’ met Bill Murray) waar ik geen enkele, maar dan
ook geen enkele geslaagde grap in heb kunnen terugvinden.

Ik zou hier een hele boom kunnen opzetten over de tenenkrommende
voorspelbaarheid, de karrevracht aan clichés en de bordkartonnen
personages, maar het grootste probleem met ‘You, Me and Dupree’ is
gewoon dat het allemaal niet echt grappig is. Love him or hate
him
-komiek Owen Wilson is eigenlijk vooral gespecialiseerd in
onnozele komedies à la ‘Starsky & Hutch’,
‘Zoolander’en ‘Wedding Crashers’.
Silly komedies die niemand zal bestempelen als goede
cinema, maar de hit-miss ratio van de moppen zat meestal goed en de
chemie tussen de frat-acteurs werkte verrassend aanstekelijk.
‘Dupree’ daarentegen heeft geen moppen, geen timing en totaal geen
klik klak tussen de acteurs. Owen staat alleen en hoe graag ik ‘m
ook bezig zie, hij kan het niet aan. Nooit gedacht dat ik de
krullenbol van Ben Stiller zo zou kunnen missen.

De broertjes Russo, eerder verantwoordelijk voor het sporadisch
amusante ‘Welcome To Collinwood’, moeten werken met een scenario
dat even grappig is als het moppenbestand van Adriaan Van den Hoof
en hebben blijkbaar ook geen flauw benul hoe ze een beetje ritme en
timing in een komedie moeten leggen. Neem nu de scène waarin Molly
Dupree aantreft in het huis terwijl hij stoute dingen aan het doen
is met een vriendinnetje. Een naakte Dupree loopt naar buiten met
een kussen voor zijn kleine Dupreetjes terwijl op de achtergrond de
huiskamer in brand komt te staan door het overdadige gebruik van
kaarsen van de loverboy. En daar houdt het op. In de volgende scène
zien we brandweerlui de smeulende as besproeien terwijl Dupree
beteuterd staat te kijken. Er wordt zelfs geen moeite gedaan om
iets potentieel grappigs uit te werken of ruimte te geven. Dat
soort catastrofe-scènes mogen echt wel over de top gaan tot op het
ridicule af (denk maar aan de brandende sigaret in de dakgoot in
‘Meet the Parents’). Zo wordt praktisch elke aanzet tot een
mogelijke geslaagde mop (let op, dan heb ik het nog maar over een
drie of viertal) ofwel in de kiem gesmoord of gewoon gênant fout
aangepakt. En een toilet dat verstopt raakt staat al minstens tien
jaar op de it’s just not funny anymore-lijst.

Naast Owen Wilson krijgen we drie acteurs die al bewezen hebben
dat ze kunnen acteren maar hier gewoon hun tijd staan te
verspillen. Matt Dillon krijgt de onfortuinlijke rol van
straight man die nergens echt tot leven lijkt te komen.
Dillon en Wilson klikken niet en dat is te merken. Hun dialogen
zijn stroef en hun buddie-gedoe (die skateboarden!) komt fake en
ongeloofwaardig over. Kate Hudson moet dan weer niks anders doen
dan lief wezen en af en toe haar veel te schattige glimlach
bovenhalen. En tot slot mag Michael Douglas opdraven in een totaal
miscaste bijrol als de overbeschermende vader van Molly die Carl
het vuur aan de schenen legt. Enkel Owen Wilson lijkt zich nog een
beetje in zijn sas te voelen door zijn gebruikelijke
slacker-typetje (deze keer met een Audrey Hepburn-fascinatie) en
oneliners op te voeren die af en toe een gniffel of grijns naar
boven weten te brengen (zijn voordracht over de zin van het leven
voor een stel kinderen is de meest geslaagde scène uit de film).
Maar het maakt allemaal veel te weinig uit. Alles hangt vast aan de
regels van een conventionele komedie die staat te springen om
moraallesjes te verkondigen ten koste van originele grappen en het
fungehalte.

Misschien wordt het toch nog eens tijd dat Owen Wilson zich met
Wes Anderson aan de schrijftafel zet om een nieuwe ‘Rushmore’ of
‘Royal
Tenenbaums’
te pennen, want als hij zo doorgaat ga ik ‘m ook
nog op de it’s just not funny anymore-lijst moeten zetten,
en dat zou toch wel een klein beetje mijn hart breken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in