Sparklehorse :: 24 oktober 2006, AB

Met een programma van drie acts reken je op een stijgende lijn: goed – beter – best. Die opwaartse beweging was er zeker, met als verschil dat we pas bij Sparklehorse, en dan nog aarzelend, van een enigszins bevredigend concert konden spreken.

Met die typisch IJslandse combinatie van verlegenheid en schijnbare onhandigheid kroop Kria Brekken (Kristín Anna Valtýsdóttir van Múm) achter de piano, en dwaalde een paar songs lang rond in het sprookjespark waar Joanna Newsom en Björk ook een abonnement hebben. Het pianospel was vloeiend, dromerig en filmisch, terwijl de zang iets had van de lokroep van een sirene met een longontsteking. Het meisje hijgde, kirde en kwekte in een zwaar accent songs over eenhoorns en levitatie, die nu eens herinnerden aan het slaapverwekkendste van Drowsy, en dan weer aan het meest surreële van The Langley Schools Music Project, al valt er altijd wel iets te zeggen voor het erotiserende effect van een elfenmeisje in een slaapjurkje.

Sol Seppy is het alter ego van pianiste/celliste Sophia Michalitsianos, bij de oplettende Sparklehorse-fan bekend van haar bijdragen op ’s mans laatste drie albums. Ze begon met enkel een piano, en werd daarna vergezeld door vijf muzikanten die de muziek verpakten in logge arrangementen die de songs zelden ten goede kwamen. Michalitsianos klonk als de oudere zus van Harriet Wheeler (The Sundays), terwijl de muziek op en af slenterde tussen de sensualiteit van Lamb en de droompop van Trespassers William. Technische problemen zorgden voor een gênant moment met een dubbele valse start ("It’s one of those nights"), die op het ongelijke concert bleven wegen.

Sparklehorse speelde een thuismatch: het applaus steeg op toen de zaallichten doofden en werd het erop volgende uur enthousiast herhaald. Het nieuwe album, Dreamt For Light Years In The Belly Of A Mountain, is al even uit, maar Linkous & Co. lieten de plaat aanvankelijk links liggen: de helft van de veertien songs werd uit debuut Vivadixiesubmarinetransmissionplot gepikt. Het optreden begon alleszins in schoonheid met het indrukwekkende trio "Spirit Ditch", "Gold Days" en "Apple Bed", atmosferische songs die, gedragen door Linkous’ originele beeldspraak, het terrein tussen Vic Chesnutt, Neil Young en Daniel Johnston verkennen. Het zijn songs die blijven voortkabbelen of plots — zoals in het geval van "Apple Bed" en "Weird Sisters" — tot een drastische climax komen.

Linkous werd bijgestaan door een band die resoluut voor de no nonsense-aanpak koos: drummer Johnny Hott (ex-House Of Freaks, ex-Cracker) en bassiste Paula Jean Brown (ooit nog bij Giant Sand) hielden de songs bij mekaar met een solide fundament, terwijl gitarist/keyboardspeler Chris Michaels en Matt Pleasant (pedal-steel) zorgden voor de muzikale opvulling (op hun best in "Eyepennies"). Toch was het korte concert niet altijd even degelijk: "Don’t Take My Sunshine Away" miste de frisheid van de albumversie, tijdens het drammerige "Gasoline Horseys" was de beoogde intimiteit ver zoek, en "Sad & Beautiful World" sleepte zich lui, té lui, voort. Beter waren dan "Painbirds", het hypnotiserende een-tweetje "Saturday" en "Morning Hollow", en "Someday I Will Treat You Good", de rocksong die de set afrondde.

De sonische subtiliteiten van de albums gingen grotendeels verloren in een geluid waar vooral de rocksongs baat bij hadden. De band werd teruggeroepen voor twee bisrondes, met een trage nieuwe ("Return To Me") en twee rockers, "Happy Man" en "Pig", dat meteen ook een rauw en laat hoogtepunt werd. Sparklehorse was prima, maar niet meer dan dat. Bij momenten speelde de band routineus en een onevenwichtige setlist (zonder "Rainmaker", "Sick Of Goodbyes", "Sunshine" of "Piano Fire") voorkwam dat Linkous zichzelf oversteeg. Het zit nog steeds snor tussen Sparklehorse en België, maar de volgende keer mag het toch iets meer zijn.




DE FOTO’S




LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in