The Sentinel




Michael Douglas is weer terug. De voorbije twee jaar hield de
voormalige topacteur zich vooral bezig met het bevruchten van zijn
eega Catherine Zeta-Jones (en wie kan hem dat kwalijk nemen?), maar
nu hij zijn zaad weer afdoende in het rond heeft gespoten is de
kwieke zestiger opnieuw klaar voor de strijd. Niet dat hij het zich
voor zijn come-back al te moeilijk heeft gemaakt: ‘The Sentinel’ is
een doordeweeks thrillertje, waarin Douglas als vanouds met een
zure smoel door een zonnebrilletje mag turen (zie ook ‘Black Rain’
en ‘Basic Instinct’) en af en toe zijn tegenspelers mag afsnauwen
terwijl het adertje aan zijn slaap vervaarlijk klopt. Na twee jaar
afwezigheid is het weer business as usual voor Douglas: hij
heeft deze rol al eerder gespeeld, hij weet hoe het moet en het
enige dat hij echt moet doen, is rustig achterover leunen en
wachten tot zijn cheque in de bus valt.

Douglas speelt Pete Garrison, een agent van de Geheime Dienst die
elke dag om vier uur opstaat om levend schild te spelen voor de
president (David ‘Sledge Hammer’ Rasche), maar toch de tijd vindt
om er een affaire op na te houden met de first lady (iedereen heeft
zo z’n hobby’s), gespeeld door Kim Basinger. Wanneer een collega
van hem koelbloedig wordt vermoord, wordt de zaak onderzocht door
Pete’s vroegere partner David Breckinridge (Kiefer Sutherland). De
twee waren vroeger beste vrienden, maar staan intussen met
getrokken messen tegenover elkaar. Het onderzoek naar de moord
leidt tot de conclusie dat er ergens een mol in de Geheime Dienst
zit. Iemand daar is van plan om de president te vermoorden, en de
dode agent was die persoon op het spoor gekomen. Door de leugens
die Pete moet vertellen om zijn relatie met de presidentsvrouw
geheim te houden, wekt hij echter de indruk dat hijzelf de mol is.
Pete slaat op de vlucht voor zijn eigen collega’s. David gaat
achter hem aan.

Het ligt niet aan u als die plotwendingen u bekend in de oren
klinken. ‘The Sentinel’ is een by the numbers-filmpje, dat
elementen gaat lenen bij de tv-reeks ’24’ en bij de films ‘In the
Line of Fire’ en ‘The Fugitive’, zonder ooit het niveau van ook
maar één van z’n voorgangers te bereiken. Regisseur Clark Johnson,
die eerder al verantwoordelijk was voor ‘SWAT’, stapelt de clichés
hier op elkaar en eindigt dan ook met een film waarvan je continu
de indruk hebt dat je hem al eerder hebt gezien. Enkele
voorbeelden? Breckinrigde krijgt aan het begin van de film een
groentje (Eva Longoria) toegewezen als protégé, en wil aanvankelijk
niets van haar weten. Tot ze haar waarde bewijst, natuurlijk, en er
een diep respect groeit tussen beiden. Garrison is dan weer een
gescheiden eenzaat, wiens hele leven rond zijn job draait. En de
presidentsvrouw is – wat anders? – een in een gouden kooi
opgesloten prestige-madam, wiens huwelijk begint en eindigt bij
gezamenlijke publieke optredens. Alsof dat allemaal nog niet
voorspelbaar genoeg is, krijgen we er ook nog eens een shoot-out in
een winkelcentrum (hallo, Brian De Palma?) en een confrontatie in
een parkeergarage bovenop. ‘The Sentinel’ lijkt eerder gebaseerd te
zijn op andere films dan op een boek.

Misschien heeft de opkomst van grootschalige, prestigieuze
tv-reeksen wel heel wat invloed gehad op onze verwachtingen van
bioscoopfilms. Thrillers van het kaliber van ‘The Sentinel’ vind je
zowat elke avond op tv – niet alleen ’24’, hoewel dat de meest voor
de hand liggende kandidaat is, maar ook reeksen als ‘CSI’ en
dergelijke. Die zijn op krèk dezelfde manier geconstrueerd, met
personages die ongeveer even interessant zijn en plotwendingen die
ongeveer even origineel zijn. Als we dit soort dingen al op tv
kunnen bekijken, waarom zouden we er dan nog voor naar de cinema
gaan? ‘The Sentinel’ biedt niets wat je in die series niet kunt
terugvinden, we krijgen nergens een reden aangereikt waarom dit
speciaal zou zijn.

Niet dat de film zo slecht is – ‘The Sentinel’ zit eerder
vastgeklemd in die oneindige file aan volstrekt onopmerkelijke,
quasi-identieke thrillers die we elk jaar te verwerken krijgen. De
prent is professioneel ingeblikt, met een passend, creatief gebruik
van kleuren, en de acteurs doen over het algemeen wat je van hen
kan verwachten. Michael Douglas zou dit soort rol met z’n ogen
dicht kunnen spelen en is moeiteloos effectief in een film die nog
geen honderdste van z’n talent vereist. Kiefer Sutherland voert
zijn nummertje uit ’24’ op en voelt zich niet geroepen om daar
verder nog iets aan toe te voegen. Beide hoofdrolspelers, net als
het grootste deel van de supporting cast, staan rustig
professioneel te wezen en lijken zich voor de rest nergens zorgen
over te maken. Kun je dan zeggen dat ‘The Sentinel’ een slechte
film is? Welnee, het probleem is alleen dat hij zo hemeltergend
middelmatig is. De film doet alles wat een thriller volgens het
boekje hoort te doen, maar terwijl hij routinematig van het éne
verplichte nummer naar het andere huppelt, weigert hij ook maar
even tot leven te komen of ook maar even een klein symptoom van
originaliteit te vertonen (wat dat gebrek aan originaliteit
betreft: wie na een half uur de identiteit van de mol nog niet
geraden heeft, moet dringend deelnemen aan het Rad van
Fortuin).

‘The Sentinel’ is degelijk in elkaar gestoken, maar het is vooral
een twee uur durende déjà-vu: conventioneel, banaal en
voorspelbaar. Het is echt triestig dat er zoveel merkbaar talent
aan een film moet meewerken om dan met zo’n onbetekenend en
betekenisloos resultaat naar huis te komen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in