The Untouchables




Een film hoeft niet noodzakelijk diepzinnige dingen te zeggen om
een meesterwerk te zijn. Neem nu een regisseur als Brian De Palma:
in de loop van een carrière die meer dan drie decennia overbrugt,
heeft de man haast onbekijkbare rommel geproduceerd (nog iemand
‘Wise Guys’ of ‘Mission to Mars’?), maar ook beklijvende, soms
onvergetelijke stukjes cinema als ‘Carlito’s Way’ en deze ‘The
Untouchables’. Eén ding dat al die films gemeen hebben, is dat ze
geen van allen echt diepgravend genoemd kunnen worden. Of hij nu
goeie films maakt of slechte, De Palma interesseert zich niet
zozeer voor psychologie of hoogdravende thematiek, als wel voor
camerabewegingen en een zorgvuldig opgebouwde suspense. ‘The
Untouchables’ is een meesterwerk, maar dan wel een oppervlakkig
exemplaar. Niet dat dat afbreuk doet aan z’n status als
meesterwerk.

Het verhaal is een sterk gefictionaliseerde versie van de jacht op
en uiteindelijke arrestatie van gangsterkoning Al Capone. Tijdens
de drooglegging in de jaren dertig was Capone de feitelijke
burgemeester van Chicago, die illegale drank de stad
binnensmokkelde en ervoor zorgde dat café-eigenaars die zijn spul
niet wilde verkopen, hardhandig werden aangepakt. Hij handhaafde
zijn greep op de stad met bruut geweld. Federaal agent Eliot Ness
(Kevin Costner aan het begin van zijn carrière) zweert om Capone te
pakken te krijgen, maar krijgt af te rekenen met een door een door
corrupte politiemacht, die al zijn plannen dwarsboomt. Hij
verzamelt een drietal onaantastbare, onomkoopbare flikken om zich
heen en verklaart Capone vervolgens de oorlog.

Het scenario van ‘The Untouchables’ werd geschreven door David
Mamet, een meester van rauwe dialogen en ongenadige plots, en zijn
harde hand is ook hier voelbaar in elke scène van de film. Wat
opvalt aan het script, is immers de steeds groter wordende
ambiguïteit van de personages: Eliot Ness begint als een
goudeerlijke, maar weinig effectieve agent. Wanneer zijn vriend en
mentor Jim Malone (Sean Connery) hem vraagt hoe ver hij wil gaan om
Capone achter tralies te krijgen, antwoordt hij: ‘Zover als de wet
toelaat.’ ‘Oké,’ antwoordt Malone, ‘en hoe ver wil je dàn nog
gaan?’ Tegen het einde van de film gooit Ness een handlanger van
Capone willens en wetens van een dak af, waarbij hij hem nog een
venijnige one-liner toeschreeuwt. De brave smeris is, zoals hij
zelf zegt, alles geworden wat hij nooit wilde worden, en daar is
hij blij mee.

Jim Malone, van zijn kant, doet ook een aantal dingen die niet echt
deugen: na een raid op een smokkeloperatie aan de Canadese grens,
weten de “untouchables” een boekhouder voor Capone aan te houden.
Die is echter niet van plan om te praten, en Malone gebruikt grove
middelen om hem op andere gedachten te brengen: hij zet een lijk op
de veranda rechtop, steekt een revolver in de mond van het dode
lichaam en doet alsof de dode nog leeft. Wanneer de schielijk
overledene weigert te praten, schiet Malone hem een kogel door het
hoofd. De boekhouder krijgt schrik en praat. Veel later in de film
zien we Malone in zijn eigen huis een kast opentrekken. Hij schenkt
zichzelf een borrel in.

Niemand in ‘The Untouchables’ is helemaal vrij van zonde, iedereen
heeft een ruw randje of krijgt er wel eentje naarmate de film
verdergaat. Echt diepzinnig zou ik dat niet durven noemen, maar het
zorgt wel voor een interessante spanning tussen de personages. Wat
ook helpt, is het feit dat de untouchables dan wel onkreukbaar
mogen zijn, maar daarom nog niet ontastbaar – twee van hen worden
brutaal vermoord en hoewel we redelijk gerust kunnen blijven dat
Eliot Ness het einde wel zal halen, is al de rest up for
grabs
. De helden zijn verrassend kwetsbaar.

Maar waar we natuurlijk in eerste instantie mee naar huis gaan, is
de stijl van de film. Brian De Palma is altijd een opmerkelijke
stilist geweest, en hier heeft hij het geluk dat hij een sterk
scenario had om mee aan de slag te gaan. ‘The Untouchables’ racet
van het ene hoogtepunt naar het andere, waarbij De Palma er niet
vies van is om zijn publiek schaamteloos op het verkeerde been te
zetten. Let op een scène waarin Ness thuiskomt en wordt
aangesproken door een moordenaar van Capone: ”t Is leuk om een
mooi gezin te hebben. Pas er maar op dat er hen niks overkomt.’ En
weg is hij. Ness wacht enkele seconden terwijl hij dat halve
dreigement verwerkt. De muziek zwelt aan, de camera zwenkt. Ness
rent z’n huis binnen, de trap op, de slaapkamer van z’n jonge
dochtertje in. Haar bedje is leeg. En hier wacht De Palma enkele
seconden, we zien Kevin Costners gezicht vertrekken in wanhoop.
Daarna pas zien we het meisje in een andere hoek van de kamer staan
spelen. In de realiteit zou Ness haar hebben gezien zodra hij de
kamer binnenkwam, maar De Palma wilde dat moment gewoon uitbuiten,
en zijn geraffineerde camerawerk in combinatie met de meesterlijke
muziek van Ennio Morricone zorgt ervoor dat hij daarmee wegkomt.
Dit is een triomf van stijl over substantie.

Het orgelpunt van de film is natuurlijk de scène op de trappen van
het station, met de beroemde ode aan ‘Pantserkruiser Potemkin’. Ook
hier rekt De Palma de suspensescène tot hij echt niet meer kan:
bijna in de traditie van de spaghettiwesterns wordt er eindeloos
rondgekeken door de personages, ze proberen elkaar in te schatten,
wachten hun juiste moment af en dàn pas ondernemen ze iets. Een
goede suspensefilm is één en al build-up: de spanning wordt
steeds verder opgebouwd, en pas als het écht niet anders kan, krijg
je een ontlading daarvan. Volgens die definitie is ‘The
Untouchables’ een fantastische suspensefilm.

Kevin Costner is degelijk als Eliot Ness en Sean Connery kreeg een
oscar voor zijn bijrol als Jim Malone, maar het is Robert De Niro
als Capone die met de film gaat lopen: de man amuseert zich
zichtbaar als oppermachtige gangster, die in het volle zicht van
vijftig mensen een verrader doodknuppelt, maar even later zit te
huilen bij een opera. De Niro maakt er nét geen stripfiguur van:
Capone’s uitbarsting aan het einde van zijn proces is een heerlijk
stukje bewust over de top acteerwerk.

Geef Brian De Palma een goed scenario en dit is waar hij mee op de
proppen komt: een van de beste films van de jaren tachtig.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in