Short Cuts

Het verfrissende aan de films van veteraan regisseur Robert Altman,
is dat hij niet zozeer geïnteresseerd is in plot – het construeren
van een verhaal dat van punt a naar punt b gaat is niet het
belangrijkste voor hem. Waar hij veel meer waarde aan hecht, is het
observeren van menselijk gedrag. Kleine dingen. Hoe mensen
telefoontjes met elkaar voeren terwijl ze een gezicht trekken naar
anderen die zich in dezelfde kamer bevinden – “die aan de andere
kant van de lijn is aan het zeuren!” Hoe we elkaar kleine leugens
vertellen. Hoe we geobsedeerd kunnen raken door elkaar, door onze
interesses, door seks. Niks van dat alles is echt wereldschokkend
en die intieme, o zo menselijke gedragingen leveren zelden een
afgerond verhaal op in de traditionele filmische zin. Maar dat is
waar Altman door gefascineerd is, en wat hij op het scherm wil
brengen, zo getrouw mogelijk. Wanneer hij dat probeert en faalt,
gaat hij soms languit op z’n bek (‘Prêt-a-Porter’ was bepaald geen
meesterwerk), maar wanneer hij slaagt, is het resultaat vaak
glorieus. ‘Short Cuts’ is één van z’n beste films.

Gebaseerd op een bundel van negen kortverhalen en één gedicht van
Raymond Carver, schetst Altman hier in mozaïekstijl de levens van
een twintigtal mensen. Een welgesteld koppel wiens zoontje
aangereden wordt door een auto en vervolgens wegglijdt in een coma.
De vrouw die zich schuldig heeft gemaakt aan die aanrijding en
problemen met haar eigen alcholisme en dat van haar man. Een man
wiens vrouw aan de kost komt via telefoonseks, maar tegen hemzelf
dikwijls ijskoud doet. Een doorgewinterde rotzak aan een flik die
z’n vrouw bedriegt en zijn escapades probeert te verdoezelen met
vergezochte verhalen over zijn werk. Drie mannen die samen gaan
vissen, een lijk ontdekken in de rivier, en besluiten om hun vondst
pas nà hun weekendje aan te geven bij de politie, omdat ze er toch
al zo zelden tussenuit kunnen. Doodgewone mensen, die een drietal
dagen lang worden gevolgd door Carver en Altman en vervolgens weer
met rust worden gelaten. Aan het einde van de film is er maar
weinig opgelost, de verhalen van hun levens zijn niet ten einde,
hun problemen, frustraties en verdriet blijven bestaan, zij het dan
in een ietwat veranderde vorm, dankzij hetgeen we hebben zien
gebeuren. De bewoners van het Los Angeles van ‘Short Cuts’ maken
allemaal iets mee, soms iets dat hun leven voorgoed zal veranderen,
soms iets banaals, en achteraf gaat het verhaal verder, zonder dat
we weten hoe.

De rake observaties van Altman in ‘Short Cuts’ worden meteen
duidelijk tijdens het beginsegment, een collage van korte scènes
die in ongeveer tien minuten de personages introduceert. Altman
gaat van het éne personage naar het andere, van het éne gezin naar
het andere, en toont ons de mensen die deze wereld bevolken in een
paar korte, inleidende momenten. Het is vaak moeilijk om te horen
wat ze zeggen, omdat er helikopters overvliegen die insectenspray
over de stad dumpen en omdat er in elk huishouden wel een paar
jengelende kinderen rondlopen. Maar dat is ook niet belangrijk, de
dialogen zijn voor het overgrote gedeelte toch maar wat
nietszeggend geklets, zoals dat tussen mensen constant plaatsvindt.
Het belangrijkste is dat we te zien krijgen hoe de personages
leven. Hun huizen, groot of klein, afhankelijk van hun inkomen,
zijn zonder uitzondering een enorme bende, we zien personages die
met twee of drie dingen tegelijk bezig zijn, mensen praten door
elkaar en altijd, maar dan ook àltijd, staat er wel een tv te
spelen. Die eerste tien minuten zijn kenmerkend voor wat ‘Short
Cuts’ tijdens de volgende drie uur zal blijven: een blik op de
chaos van het dagelijkse leven. In de meeste films zijn personages
maar met één ding bezig: conversaties zijn meestal
one-on-one, ik spreek, jij antwoordt en zo gaat dat verder.
Maar hier niet: je probeert te praten én ondertussen ben je met je
kleren bezig want daar heb je iets op gemorst, én ondertussen lopen
de kinderen rond én ondertussen komt die eeuwige televisie er ook
nog eens tussen.

Omwille van de grote hoeveelheid personages, die elkaar soms
ontmoeten en soms via-via met elkaar verbonden kunnen worden, wordt
Paul Thomas Andersons film ‘Magnolia’ vaak vergeleken met ‘Short
Cuts’, maar ik geloof dat de gelijkenissen tussen beide films
eerder oppervlakkig zijn. Ja, ook dit is een mozaïekfilm die zich
in Los Angeles afspeelt en ook hier lopen veel personages rond,
maar voor het overige had Anderson een heel andere intentie met z’n
film – Anderson wou het specifiek hebben over een zeer beperkt
aantal thema’s die alle verhalen met elkaar verbonden: ouders en
kinderen, hoe je omgaat met de dood, enzovoort. Altman weigert
echter resoluut om dat te doen – verschillende mensen hebben
verschillende zorgen, hun levens draaien om verschillende dingen.
In die zin ligt ‘Short Cuts’ dichter bij de realiteit dan
‘Magnolia’ – in die laatste film voelde je steeds de sturende,
manipulerende hand van de schrijver en regisseur, die de
gebeurtenissen een bepaalde richting induwde om zijn inhoudelijke
punten duidelijk te maken. Om dat te doen, laste hij zelfs een paar
surrealistische segmenten in. In ‘Short Cuts’ zul je zoiets niet
tegenkomen, dat zou ingaan tegen de meest fundamentele kern van de
film: het observeren van gedrag zonder daar uitgesproken filmische
elementen aan toe te voegen, zoals Andersons drukke
camerabewegingen, de slimme links tussen zijn personages of de
collectieve katharsis op het einde. Beide films zijn
meesterwerkjes, maar ze verschillen aanzienlijk van elkaar.

Gezien Altmans weigering om de personages in een geforceerde
filmische structuur te dwingen, was de kans reëel dat hij gaandeweg
de grip op zijn scenario zou verliezen, maar dat wordt vermeden
door twee belangrijke factoren. Ten eerste is er simpelweg het feit
dat zowat alle rollen worden gespeeld door herkenbare acteurs
(echte filmsterren zijn ze niet, maar wel herkenbaar): Tim Robbins,
Andie McDowell, Julianne Moore, Jack Lemmon, Tom Waits enzovoort.
De vertrouwde gezichten helpen om georiënteerd te blijven binnen
het uitgebreide universum van de film en ze acteren ook allemaal
even sterk – ondanks de omvangrijke cast is er letterlijk niet één
die uit de toon valt. Jack Lemmon krijgt echter de gelegenheid om
écht te stralen als dramatisch acteur, met een lange monoloog die
simpelweg adembenemend is.

En ten tweede is Altman ook gewoon erg goed in het creëren van
overgangen tussen de personages. Heel vaak gebruikt hij muziek om
dat te doen – de film werd zelf beschreven als een jazzstuk,
omwille van het improvisatorische toontje ervan, maar de jazz op de
soundtrack is minstens even effectief om ons in één vloeiende
bewegingen scènes in en uit te krijgen. Visueel monteert Altman
vaak van de éne scène naar de andere door gelijkaardige shots te
gebruiken. Het laatste shot van één scène is een luide tv, het
eerste van de volgende scène is er een andere. En zo gaat dat
door.

‘Short Cuts’ heeft misschien niet de emotionele impact van
‘Magnolia’ – dat krijg je dan als je weigert om een traditionele
loutering voor je personages in je film te verwerken – maar het is
een diep medelevend portret van gewone mensen die enkele dagen lang
hun leven leiden. Ze maken gewone dingen mee, soms enkele niet zo
gewone dingen. Altman observeert die dingen en schetst ze voor ons
met een levendigheid en complexiteit die je haast niet voor
mogelijk houdt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in