Diplo :: Florida

Tot voor enkele jaren was het huilen met de pet op in Amerika op
het gebied van alternatieve dansmuziek: techno, house en r’n’b
zwaaiden de plak. Er werd met open mond opgekeken naar labels zoals
Ninja Tune en Mo’ Wax, die konden scoren met een mengelmoes van
hiphop, breakbeats, funk en dub. Het door MTV en zowat alle
radiostations in de US gehersenspoelde publiek wou zijn muziek
graag eenvormig. If it ain’t broke, don’t fix it.
Ontevreden over deze hokjesmentaliteit begon ene Wes Gully aka
Diplo samen met enkele vrienden feesten te organiseren in
Philadelphia onder de naam Hollertronix, waar er een unieke
combinatie van muziek werd gedraaid: foute 80’s pop, agressieve
hiphop uit het zuiden van de States (crunk), harde house uit
Baltimore en Indiaanse bhangra klanken à la Panjabi MC
werden in de mixer gegooid met obscure funk en disco. De formule
sloeg aan en de parties werden een succes. Kort daarna verscheen de
CD ‘Hollertronix Never Scared’: een doorsnede van de muziek die op
die feestjes werd gedraaid.
De mix werd al snel vergeleken met het ‘2 Many DJs’-project van
Soulwax, maar met dat verschil dat de Dewaeles twee weken lang
achter de laptop zaten om alles mooi naadloos te laten kloppen en
Diplo de mix live in één take in mekaar draaide.
Gully heeft nog meer azen in zijn mouw zitten: eerder verscheen er
al een mix propvol zeldzame funk- en soulsamples en verder
verzamelde hij dit jaar in Rio De Janeiro een hoop muziek die op de
levensgevaarlijke Braziliaanse funk balls wordt gedraaid, om
zelf de unieke mix ‘Favela On Blast’ mee te maken.
Bezig baasje Diplo werd al snel opgemerkt door Big Dada, een
sublabel van Ninja Tune, die hem een albumdeal aanbood waar hij
zijn eigen creatieve ei in kwijt kon. Die plaat is er nu eindelijk
en is een schijf van formaat geworden die onvermijdelijk in alle
eindejaarslijstjes zal opduiken. Van de nerveus geprogrammeerde
beats van ‘Indian Thick Jawns’ tot de breekbare (gesamplede)
soulstem in ‘Summer Gonna Hurt You’: Wes Gully laat ons alle
mogelijkheden van de sampler zien zoals DJ Shadow dat in 1996 deed.
Het album valt onmogelijk te classeren onder één stijl en lijkt op
een halve platenkast die in één uurtje werd geperst zonder daarom
overdreven chaotisch te klinken. De “alles moet kunnen”-mentaliteit
van hiphop wordt gecombineerd met een vreemde voorliefde voor
psychedelica.
Diplo, die zelf een tijd in een hippiecommune woonde, ziet
‘Florida’ vooral als een product van jaren platen verzamelen en
dj’en. Niet zelden werd Diplo al vergeleken met RJD2 en DJ Shadow,
die andere twee Amerikanen die muziek maken met een overvolle tas
vinyl en een hoop electronica, maar dat is verre van correct. Om de
critici de mond te snoeren maakte Gully twee indrukwekkende mixen
met materiaal van Shadow en RJ om te tonen dat hij wel degelijk een
eigen smoel had. Maar Diplo’s sterkte is tegelijkertijd ook zijn
zwakte: de man barst zodanig van de ideeën dat het soms moeilijk is
om hem bij te benen : hoewel het geheel als één suite is bedoeld,
vloekt de vlammende ragga van ‘Diplo Rhythm’ bijvoorbeeld met de
downbeat van ‘Sarah’. De mixtape lijkt voorlopig het uitgelezen
medium voor Diplo om zijn ding te doen, wat niks afdoet van het
feit dat ‘Florida’ één van de origineelste én beste platen van 2004
is. Promo-exemplaren van deze LP wisselden al voor grof geld van
eigenaar, om maar te zeggen dat Diplo hot is en Ninja Tune
nog maar eens een unieke artiest heeft kunnen tekenen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in