Down With Love




De retro-stijl is weer helemaal in, schijnbaar. Een zestal
maanden geleden kregen we de prachtige film ‘Far From Heaven’ te zien, waarin de
melodrama’s uit de jaren vijftig van Douglas Sirk opnieuw tot leven
werden gewekt, en nu probeert ‘Down With Love’ hetzelfde te doen
voor de romantische komedies uit de fifties en sixties. Alles aan
deze film straalt dezelfde oubollige charmes uit die we terugvinden
in het betere Rock Hudson/Doris Day-werk: een voorspelbaar
verhaaltje, dat aanleiding geeft tot talrijke misverstanden,
persoonverwisselingen en steeds uitzinniger leugens, en dat wordt
vormgegeven in bordkartonnen decors met fel verzadigde kleuren.

Renée Zellweger speelt Barbara Novak, een schrijfster uit Maine
die naar New York komt om haar boek ‘Down With Love’ uit te geven.
In dit schrijfsel maant ze vrouwen aan om zich te emanciperen, een
job te gaan zoeken, hun mannen het vuile werk te laten opknappen en
-voor wie nog geen man heeft, allicht – bovenal nooit verliefd te
worden. Seks dienen ze zelf te initiëren, wanneer de gelegenheid
zich ook maar voordoet.

Dit trekt de interesse van macho-journalist Catcher Block (Ewan
McGregor), een man die zo glad is dat je hem op de vloer kunt
leggen en op hem schaatsen. Catcher, die aan elke vinger vijf
vrouwen heeft, wordt er door Novak op televisie specifiek uitgepikt
als het soort man dat elke vrouw moet mijden, en hij besluit wraak
te nemen. De journalist zet een bril op, meet zich een Zuidelijk
accent aan, en neemt zich voor om de voorvechtster tegen de liefde,
toch verliefd te laten worden.

‘Down With Love’ probeert in essentie dezelfde truc uit te halen
die ‘Far From Heaven’ onlangs zo
succesvol maakte. De hele film is opgesteld volgens de visuele en
inhoudelijke normen van toen: we krijgen aan het begin het oude
logo van 20th Century Fox te zien, gevolgd door een trotste
aankondiging dat deze film ons gepresenteerd wordt in Cinemascope.
Alle decors en kostuums, de dialogen en gewoon al de plot op
zichzelf, dienen ons onder te dompelen in de sfeer van die oude
films die we zo vaak ’s middags op tv zien.

Dat leidt tot een aantal leuke momenten, zoals een scène waarin
split screen wordt gebruikt om McGregor en Zellweger aan de
telefoon te tonen. De bewegingen die ze daarbij maken zijn volkomen
onschuldig, maar door de personages met het split screen tegenover
elkaar te plaatsen, krijg je een heel ander effect. Ik vond het ook
leuk hoe, enigszins in de stijl van ‘Austin Powers’, een bewust
slechte achtergrondprojectie wordt gebruikt wanneer personages zich
in auto’s bevinden, of hoe er een montage wordt gemaakt van
billboards en de facades van nachtclubs, die op onze twee kuierende
romantische helden afvliegen. Dat soort van beelden zijn
onlosmakelijk verbonden met de cinema van die tijd, en ze worden
hier liefdevol geparodieerd.

Renée Zellweger doet haar best om met haar pruillippen en ietwat
hese stem een geslaagde Doris Day-imitatie neer te zetten, maar
uiteindelijk blijft haar vertolking ietwat ééntonig naar mijn
smaak. Ik kreeg de indruk dat ze meer bezig was met het navolgen
van wat een andere actrice veertig jaar geleden deed, dan met het
spelen van een personage. Het enige moment waarop ze me echt
helemaal mee had, was tijdens een ellenlange monoloog naar het
einde van de film, die ronduit hilarisch is.

Dan liever Ewan McGregor, die zich hier zichtbaar staat te
amuseren als Mr. Cool himself. Kijk naar de manier waarop hij een
scène speelt vroeg in de film, waarin hij zijn hoofdredacteur Peter
( David Hyde Pierce), uitlegt hoe moderne sokken vanzelf blijven
zitten, zonder jarretellen. Een secretaresse luistert mee naar hun
gesprek en begrijpt het natuurlijk verkeerd – een cliché zo groot
als een slagschip, maar McGregor weet er het beste van te maken
door een gezicht op te zetten alsof het de eerste keer is dat u die
grap hoort.

De show wordt evenwel gestolen door de bijrollen. Sarah Paulsen
is geweldig als de continu rokende uitgeefster van Barbara, en
David Hyde Pierce gaat met elke scène lopen waar hij inzit als
Peter, de meest neurotische man sinds – of is het tot? – Woody
Allen. ‘Jij bent de beste vriend die een man met twintig neuroses
kan hebben,’ zegt hij tegen McGregor. ”tuurlijk,’ antwoordt deze.
‘Ik ken je al van toen het er nog maar dertien waren.’

Dat soort momenten zitten er dus wel degelijk in, maar tenslotte
is de hele retro-mentaliteit van ‘Down With Love’ niet meer dan een
gimmick, een slim trucje om de film interessanter te doen lijken
dan hij is. In het geval van ‘Far From Heaven’ was de ouderwetse
aanpak een bewuste artistieke keuze, die het drama een extra
dimensie gaf. Hier kan men niet verbergen dat onder alle
kunstmatigheden (hoe perfect die op een technisch niveau dan ook
zijn uitgevoerd), enkel het hart klopt van een volkomen banale
romantische komedie.

Eigen aan een gimmick is nu eenmaal, dat zo’n ding op een
bepaald moment ophoudt met leuk zijn, en dan moet je nog iets te
vertellen hebben dat het de moeite waard maakt. ‘Down With Love’
rekt het hooguit drie kwartier met de vormgeving, de perfect
uitgekiende manier waarop elke scène zo in beeld gezet is dat hij
rechtstreeks uit de vroege jaren zestig had kunnen komen. Daarna
moeten we het redden met een briljante David Hyde Pierce, en een
handvol geestige momentjes waar hij niet inzit. En dat is dus niet
genoeg.

‘Down With Love’ is een verdienstelijke poging, en wie een
schadeloos filmpje zoekt om een eerste afspraakje rond te bouwen
zou het slechter kunnen treffen, maar meer ook niet. Jammer.

http://www.down-with-love.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in