X2



120 min. / USA

Voor iemand zoals ik, die van z’n hele leven nog geen
Marvel-stripverhaal in handen heeft gehad, en wiens gevoel voor
cultuur op dat gebied begint en eindigt bij Suske en Wiske en
Kiekeboe, zijn het zware tijden. De verfilmingen van dit soort
Amerikaanse stripverhalen vliegen ons namelijk om de oren, met
‘Daredevil’ als een voorlopig
dieptepunt in het genre. ‘X2′ heeft dan ook nog eens de handicap
een sequel te zijn, en het zal u vast niet onbekend zijn dat
vervolgen vrij regelmatig de neiging hebben erger te sucken dan
Helmut Lotti’s versie van ‘Guantanamera’.

Maar goed, het origineel was een aangename verrassing (en verscheen
trouwens vóór die hele Marvel-manie begon), en Bryan Singer wist
ook van deel twee een haast perfecte actiefilm te maken.

De plot draait rond de ietwat geflipte generaal William Stryker,
gespeeld door Brian Cox (de drukst bezette bijrolacteur van het
voorbije jaar), die zo z’n eigen redenen heeft om alle mutanten
simpelweg van de kaart te willen vegen. Geen registratie, zoals in
deel één, vergeet het maar, die tijd is voorbij. De X-men van
professor Xavier (Patrick Stewart, natuurlijk) gaan een
oncomfortabele alliantie aan met de pas uit zijn plastic gevangenis
ontsnapte Magneto (Ian McKellen), om hun gemeenschappelijke vijand
te verslaan. Komt daar nog bij dat Stryker misschien meer weet over
het onduidelijke verleden van Wolverine (Hugh Jackman), hij wiens
vingernagels niet met een eenvoudig nagelschaartje bijgevijld
kunnen worden.

Zowat de gehele originele cast is opnieuw van de partij, met
ditmaal versterking van Iceman, een wandelende koelkast die uw
Bokma op minder dan geen tijd ijs- en ijskoud zet, Pyro, een
getroubleerde jongeman die vuur spuwt zoals andere pubers pukkelpus
en Nightcrawler, een Duitse mutant die zichzelf kan doen verdampen
om vervolgens in een andere kamer weer op te duiken. Ganz nett!
Wunderbar!

Wat ook deze tweede ‘X-Men’ een onmiskenbare meerwaarde geeft
tegenover andere comic book-movies, is dat Bryan Singer niet in de
eerste plaats een actieregisseur is. De man verdiende zijn sporen,
en de terechte lof van een verrast wereldpubliek, met zijn
ongelooflijk clever vertelde thriller ‘The Usual Suspects’, en dat
is in wezen wie en wat hij nog altijd is: een verhalenverteller.
Denk bijvoorbeeld aan de achtergrond van Magneto – slechterik of
niet, we begrijpen wel wat zijn motivaties zijn, hij is niet zomaar
een aardsschurk die door het één of ander giftig gas plots evil is
geworden en wild kakelend lacht bij alles wat hij doet (zoals
Willem Dafoe dat wél was in ‘Spider-Man’). Generaal Stryker neemt voor
deze film de rol van Publieke Vijand nummer één over, en ook hij
heeft beweegredenen die meer doordacht zijn dan die van de doorsnee
filmmaniak. Singer is goed in dat soort zaken: op een korte,
bondige manier (het blijft wél een actiefilm, natuurlijk), dat
soort van informatie meegeven over de personages. Als we hén
geloven, geloven we immers de film, omdat elke situatie, zelfs de
meest vergezochte actiescène, dan toch nog gegrondvest zal blijven
in de realiteit.

Nu de personages – op één of twee nieuwe gezichten na –
geïntroduceerd zijn, en we vertrouwd zijn met de basisgegevens van
de wereld waarin de X-men zich bewegen, had Singer ook de
gelegenheid om een betere plot te verzinnen. Deel één hing voor een
groot gedeelte af van het concept dat we voorgeschoteld kregen – de
plot op zichzelf was uiteindelijk nogal flauw. Hier echter, krijgen
we een intrige die beter opgebouwd is, met een aantal verschillende
verhaallijnen die naar het einde toe mooi in elkaar klikken. Je zou
denken dat zoiets vanzelfsprekend is, en dat élke filmmaker zo’n
plot toch wel in elkaar kan steken, maar dan kan ik u aanraden eens
naar ‘Daredevil’ te gaan kijken.
Daar konden ze dat bijvoorbeeld duidelijk niét. Ik veronderstel dat
het grootste compliment dat ik ‘X2’ kan geven, is dat ik op geen
enkel moment een plotwending, situatie of dialoog voor lief heb
moeten nemen omdat het tenslotte “maar een stripverfilming” was.
Van begin tot eind was ik helemaal mee, ik zat mee de verhaallijn
in elkaar te puzzelen tot het plaatje compleet was, en ik kon
tenminste niet elke wending van een kilometer afstand zien
aankomen.

Maar waar we echt voor gaan kijken, zijn natuurlijk de actiescènes,
en ook die zijn dik in orde. Singer maakt dankbaar gebruikt van
CGI, een techniek die stilaan volwassen begint te worden. De
Playstation-look van ‘Spider-Man’ is
hier in geen velden of wegen te bekennen. Wat het belangrijkste is,
is dat ‘X2’ geen zielloze speciale effectenshow wordt – elke
actiescène getuigt van fantasie, van inventiviteit. Kijk maar naar
de ontsnapping van Magneto, of naar de openingsscène in het Witte
Huis – de vaak adembenemende choreografie van die momenten, en de
droge humor waarvan ze getuigen (allemaal, trouwens, niet enkel die
twee), tonen aan dat we naar een film zitten te kijken die
conceptueel erg goed zit. Dit zijn geen middelmatige ideeën die
goed verfilmd werden, maar uitstekende ideeën die uitstekend
verfilmd werden.

Je kunt beginnen zeuren als je wilt, natuurlijk – zo had ik af en
toe de indruk dat men probeerde om wat te veel personages tegelijk
in de film te stoppen, zodat Patrick Stewart een nogal ondankbare
rol kreeg tijdens de tweede helft, weggemoffeld in de schuilplaats
van de schurk. En naar het einde toe leek het er ook op dat we net
één climax teveel kregen. Jean Gray die voor Mozes speelt? Mmm,
nee, toch maar niet, eigenlijk…

De thematiek, die zeer politiek correct spreekt over de aanvaarding
van anderen zoals ze zijn en het delen van de wereld onder alle
mensen, komt nog steeds geforceerd over – een Thema omdat we nu
eenmaal een Thema (hoofdletter T) nodig hebben. Je krijgt zin om
naar het scherm te schreeuwen dat ze zo’n Thema helemààl niet nodig
hebben, een dergelijke film mag best gewoon leuk zijn in z’n eigen
recht, zonder er dat soort zaken bij te slepen. Maar vreemd genoeg
luisteren ze niet.

Het doet er niet toe. ‘X2’ belooft een stevige rit doorheen een
behoorlijk opwindende fantasiewereld, en die belofte wordt
ruimschoots vervuld. Voeg daar nog goeie acteurs aan toe (met de
uitzondering van Halle Berry, die hier nog steeds niet helemaal
bekomen lijkt van haar wilde avontuur met Billy Bob Thornton in
‘Monster’s Ball’), en wat je krijgt
is zonder meer de beste film in de Marvelreeks die we tot nu toe
hebben gezien. ‘The Hulk’ zal
volgend jaar vroeg moeten opstaan om dit nog te overtreffen.

http://www.x2-movie.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zes − drie =