Harry Potter And The Chamber Of Secrets


Het tweede jaar op “Hogwarts school for witchcraft and wizardry”
is begonnen, en overal ter wereld zitten kinderen én volwassenen op
de eerste rang om de lessen te volgen. Een jaar geleden was de vraag die op ieders
lippen brandde, of Chris Columbus en de zijnen erin zouden slagen
om de wereld van J.K. Rowling naar het scherm te brengen zonder de
fans teleur te stellen. Het antwoord was een triomfantelijk ja. Dit
jaar was de vraag of het Columbus zou lukken om zonder het
verrassingselement ook te functioneren. We kennen de personages nu,
we weten hoe Hogwarts eruit ziet en wat de reglementen van
Quidditch zijn; zou Columbus iets in de plaats kunnen geven voor
die verrassing, om toch onze aandacht vast te houden en het
enthousiasme van een jaar geleden te doen herleven? Het antwoord
is, gelukkig, opnieuw een volmondig ja.

De plot draait deze keer rond – verrassing! – een geheime kamer
in Hogwarts, gebouwd door één van de medestichters van de school,
de nogal onsympathieke Salazar Slytherin. Slytherin had het er
immers niet zo op bekeken dat ook kinderen van gewone mensen op
Hogwarts werden toegelaten. De geheime kamer bevat dan ook een
vreselijk monster, dat erop uit is al deze kinderen te vermoorden –
of toch minstens te verstenen. De geheime kamer kan enkel geopend
worden door een directe afstammeling van Slytherin zelf. Wanneer de
eerste tovenaarsleerlingen versteend worden aangetroffen in de
gangen van Hogwarts, wordt het duidelijk dat deze kwaadaardige
erfgenaam is teruggekeerd om een soort van etnische zuivering uit
te voeren.

Dat is het geraamte van een verhaal dat veel zijsprongetjes en
nevenpersonages kent; één van de prachtige kwaliteiten van ‘Harry
Potter’ is dat het geen one man show is voor Harry Potter zelf. De
jongen bewoont een wereld vol met interessante mensen, plekken en
voorwerpen, die allemaal hun plaats krijgen binnen de verhalen.

Die wereld wordt in deze film uitgebreid met een viertal nieuwe
personages. Zo is er Lucius Malfoy, vader van de gehate Draco
Malfoy, een al even arisch uitziende etterbal die de vreselijke
gebeurtenissen op Hogwarts wil gebruiken om Dumbledore uit zijn
positie van schoolhoofd te manouvreren. We krijgen Kenneth Branagh
in een heerlijke rol als Gilderoy Lockhart, blaaskaak
extraordinaire, die het heel goed kan uitleggen, maar eigenlijk
nergens voor deugt. Hem ontmoeten we tijdens een
publiciteitscampagne voor zijn autobiografie ‘Magical Me’. Dan is
er nog Dobby de huiself, een volledig uit CGI opgetrokken schepsel
dat potentieel even irritant was als Jar Jar Binks, maar gelukkig
wél echt grappig is, en Moaning Myrtle, een jennerig meisjesspook
dat de toiletten onveilig maakt.

Niet al deze personages hebben rechtstreekse invloed op de plot
als dusdanig, maar ze voegen wel nieuwe, en vaak wonderlijk
geïnspireerde elementen toe aan het universum van Harry Potter, een
universum dat zijn aandoenlijke karakter juist te danken heeft aan
de vele kleine elementen, die we er gratis bovenop krijgen, zonder
dat ze noodzakelijk het verhaal hoeven te dienen.

Het visuele aspect van de film heeft hier natuurlijk ook veel
mee te maken; cameraman Roger Pratt nam voor deze aflevering de
honneurs waar, en Hogwarts heeft er nog nooit zo goed uitgezien.
Het lijkt wel alsof de plek, samen met de leerlingen ervan,
gegroeid is. Het Victoriaans aandoende complex wordt in meer detail
getoond, met verborgen gangen, ongeziene kamers en duistere hoekjes
die eerder niet aan bod kwamen. Zelfs het Quidditchveld is groter
geworden. In deze film kom je letterlijk ogen te kort om alle
spectaculaire ontwerpen in je op te nemen.

De speciale effecten zijn ook verbeterd tegenover de eerste
film. Leek de Quidditch match mij in ‘The Philosopher’s Stone’ nog enigszins
tweedimensionaal, ditmaal haalt Columbus werkelijk alles uit de
kast om ons een ongeziene ervaring te geven. Harry racet met Draco
om de Snitch te pakken te krijgen, ondertussen achtervolgd door een
op hol geslagen bal die alles in z’n weg kapot ramt, en de camera
volgt hem, het hele veld over, onder de banken voor de toeschouwers
door en weer verder van daar. Af en toe duiken we op het laatste
moment onder een balk door, en de camera volgt. We zien de bal soms
recht op de camera afstevenen in zo’n indrukwekkend tempo dat je de
neiging krijgt om als toeschouwer weg te duiken. En op geen enkel
moment kun je zien dat het om CGI gaat. De illusie is vrijwel
naadloos.

Speciale effecten en sets om vingers en duimen bij af te likken,
jazeker… Maar het punt is, dat dat alles ook in dienst staat van
iets anders dan zichzelf. ‘Harry Potter’ is géén zielloze
effectenshow, zoals ‘Star Wars’. Het is een ongegeneerd toegeven
aan fantasie, aan een wereld waar het goed toeven is en die met
liefde en vakmanschap in elkaar werd getimmerd. De effecten bouwen
mee aan een plot die veel beter in elkaar zit dan die van ‘The Philosopher’s Stone’ – aangezien we de
personages al kennen, komt de actie sneller op gang, zodat we meer
tijd kunnen besteden aan het onderzoeken van het mysterie, dat
ditmaal complexer is, en uiteindelijk ook bevredigender. De plot
van ‘The Chamber Of Secrets’ ontwikkelt zich nog steeds verder nà
de climax van de film, nieuwe elementen worden tot op het
allerlaatste moment aangedragen, wat ons ongetwijfeld voorbereid op
het derde deel. (Dit alles wil wel zeggen dat men van u verwacht
deel één gezien te hebben en klaar te zitten voor het vervolg. Wie
bedenkelijk fronst bij het horen van de naam Voldemort, kan maar
beter eerst een beetje bijstuderen.)

Daniel Radcliffe is terug als Harry, Rupert Grint is Ron Weasly,
en Emma Watson is alweer Hermione Granger. De stemmen van de
jongens zijn wat dieper, maar met dat extra jaar lijken ze ook
alledrie iets comfortabeler te zijn geworden voor een filmcamera.
Stond Harry er in het eerste deel soms nogal schaapachtig bij
wanneer er weer iets gebeurde dat hij niet snapte, ditmaal heeft
hij de air van een ancien, die door de gangen van Hogwarts
paradeert alsof de plek van hem is. Dat extra zelfvertrouwen is een
mooie toets, zeker aangezien het wordt gecontrasteerd met de
pragmatische, soms zelfs laffe houding van Ron. Radcliffe kreeg
veel kritiek voor zijn rol in de eerste film, maar hij is wel
degelijk geëvolueerd – net als zijn personage.

De toon van ‘The Chamber Of Secrets’ ligt veel somberder dan die
van de eerste film, en dat is dan
ook het voornaamste punt van kritiek dat ik tegen de film kan
inbrengen. ‘The Philosopher’s Stone’
was een soort van ademloze kinderervaring, één en al verwondering
van begin tot eind. Dit verhaal, daarentegen, bevat versteende
kinderen en katten, booschappen die in bloed op de muur worden
geschreven, een horde gigantische spinnen en een reusachtige,
slangachtige draak. De eerste helft van de film is luchthartig
genoeg, met vaak zeer geestige scènes (de brulbrief! Rons uil!),
maar daarna is het kommer, kwel en actie geblazen. Ouders van jonge
kinderen: wees gewaarschuwd dat deze film voor uw al te kleine
koters angstaanjagend kan zijn. Het verlies van die onschuldige
sfeer in ruil voor meer duistere ontwikkelingen, is een
verdedigbare keuze, maar ik persoonlijk miste die sfeer wel.

En één schoonheidsfout wordt rechtstreeks vanuit de eerste film
overgenomen: ‘The Chamber Of Secrets’ duurt twintig minuten te
lang. Bepaalde dialoogscènes, ongeveer halverwege de film, hadden
duidelijk ingekort kunnen en moeten worden. Zijn de filmmakers dan
zo bang van de fans van de boeken dat ze werkelijk niéts durven
schrappen?

Even zo goed zijn er nog steeds Potter-aficionados die het zonde
vinden dat de film afwijkt van het boek. Aan al deze mensen, kan ik
zeggen dat een romanverfilming niet met het bronmateriaal getrouwd
is, ze hebben elkaar geen eeuwige trouw beloofd. Het moet mogelijk
zijn om de film op zichzelf te bekijken en beoordelen, en als
dusdanig scoren beide ‘Harry Potter’-films goeie punten – maar ze
voelen ook allebei te lang aan.

De ‘Harry Potter’ filmreeks komt zo stilaan op een moeilijk punt
te staan – Richard Harris (die trouwens weer een heerlijke
Dumbledore neerzet) is overleden, de kinderen komen stilaan in een
risicozone wat hun leeftijd betreft en terwijl de derde aflevering
in productie gaat, is er nog steeds geen vijfde boek verschenen –
Rowling neemt er haar tijd voor. De toekomst van de film franchise
is niet helemaal zeker; laat staan de toekomst van de kwaliteit van
die franchise. Maar goed, voorlopig mogen we ons althans verheugen
in een nieuwe ijzersterke familiefilm, waaraan alleen de grootste
cinici zullen kunnen weerstaan.

http://www.harrypotter.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in