Canardo 12 :: Het kindermeisje met bloed aan de handen (Sokal)

Bestaat dat ook in strips, een comeback? Want dan kunnen we hier wel van één spreken: na een bijna vijf jaar durende stilte laat Sokal op drie jaar evenveel nieuwe Canardo-albums op ons los. Net als de vorige albums is Het Kindermeisje met bloed aan de handen een tegenvaller in vergelijking met de magistrale eerste vijf albums. Naast het vorige album is deze nieuwe worp echter een meesterwerk. Zoals altijd is alles weer eens relatief.

Eigenlijk had Sokal er beter de brui aangegeven na het eerste comebackalbum: in Het meisje dat van de horizon droomde leek het er op dat Canardo zijn eind had gevonden in een dodelijke crash met zijn aartsvijand Raspoetin. En daar konden wij mee leven: het voelde wel een beetje verweesd aan, maar na tien albums die steeds minder werden, was het mooi geweest.

Dat album moet goed verkocht hebben blijkbaar want Sokal kreeg de smaak terug te pakken en vorig jaar was er dan Niets dan ellendige geheimpjes waarin godbetert een tijdsmachine centraal stond. Blij dus dat dit nieuwste album toch nog enig niveau heeft.

Het kindermeisje met bloed aan de handen is een legal thriller zoals de Amerikaanse televisie ze graag aan de lopende band schijt; een Frans au pairmeisje wordt verdacht van de moord op haar werkgevers. Enter Canardo met een jet-lag in opdracht van de prestigieuze school die haar opleidde — "u snapt dus hoe dat meiske uit de toon valt met haar bloedbadje" — om haar onschuld te bewijzen.

De speurtocht van Canardo gaat zijn gezapige gangetje en eindigt als een waar rechtbankdrama. Die laatste helft is het leukst om lezen: het eerste deel drijft op enkele schamele grapjes over de Europees-Amerikaanse verschillen, eenmaal de rechtszaak begint laat Sokal het niet na ettelijke televisiegeplogendheden in de zeik te zetten. Tot en met een rechter die dol is op onverwachte wendingen.

Sokal schudt een doortimmerde plot uit zijn mouw, al komen de laatste bladzijden nogal ongeloofwaardig over. Alsof hij, zijn cynische reputatie getrouw, er toch nog een draai aan moest geven. Waar het het album echter aan ontbreekt, is sfeer. De elementen van een policier noir zitten er nog wel in, maar de sfeer is al te luchtig, het cynisme iets te gemakkelijk. Zonder de zwarte sfeer van de eerdere albums is het nogal gemakkelijk. Oude Canardo’s las je met dichtgeschroefde keel, dit album komt eerder in de buurt van fast food.

Dat zit hem niet alleen in de vertelstijl, dat is ook te wijten aan de settings van de verhalen. Sokal laat Canardo meer en meer infiltreren in de allerbanaalste milieus: een ziekenhuis in Het kanaal van de angst, een middenklasse gezin in Niets dan ellendige geheimpjes, een rijk upperclass gezin in dit laatste album. Weg is de poëzie van de goot, de absurde settings als een stad in burgeroorlog of een zinkend eiland. Canardo is een gevestigd detective geworden met een ernstig cliënteel. Het is hem er niet aan te zien, maar het gaat hem niet goed af.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in